RSS Feed

Tagarchief: verkeersveiligheid

Voor snelle fietsers

Geplaatst op

In Vlaanderen gelooft men nog in zijn fietsers. De Flandrien bestaat wel degelijk.

Een zone 70 voor fietsers (en snelwandelaars) is dus minder gek dan het op het eerste gezicht lijkt. Zeker als daar straks ook nog de speedpedelecs bij komen.

Daarom werd deze wandel- en fietsweg alvast vergevensgezind aangelegd: consequent zonder (dikke) bomen. Wie uit de bocht gaat, komt alleen maar in het malse gras terecht.

Zone 70

Was dat in de politiek ook maar zo, hoor ik sommigen al verzuchten. Maar als het een troost kan zijn: daar zorgt vergetelheid voor vergevingsgezindheid.

Advertenties

Dikke fout

Geplaatst op

Dat we in rare tijden leven, zeg ik u. De ene dag is het van responsabilisering hier en voor-wat-hoort-wat ginder. De volgende dag barsten we van clementie en is vergevingsgezindheid de weg die we moeten gaan. In het mobiliteitsbeleid komt dat er nogal eens op neer dat de responsabilisering vooral gereserveerd is voor de meest kwetsbaren die de risico’s lopen en de vergevingsgezindheid voor de sterken die de risico’s creëren.

De mededeling van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) dat het in de toekomst alleen nog dunne boompjes langs zijn wegen zou planten, was daarvan een zoveelste illustratie.

Ik krabde mijn kruin en schreef er een stukje over dat vandaag in De Standaard verscheen. Alfabeten die het Nederlands machtig zijn kunnen het hier lezen.

dikke-800

En intussen kwam er (massale) reactie “vanuit het veld”: inleiding en open brief aan de minister vind je hier.

Geen ongeval in Kasterlee, wel doden en zwaargewonden

Geplaatst op
kruisterlee-800In Kasterlee is een zwaar ongeval gebeurd. Zo wordt het vandaag gecommuniceerd. Zo zal het morgen ook in de kranten staan.
Fake news, want het is geen ongeval: het is het gevolg van keuzes die werden gemaakt. Of net niet worden gemaakt. Door het en-en-verhaal waar minister Weyts vandaag weer mee uitpakte toen hij ging spreken bij Voka. ‘En-en’ is een populair riedeltje, want het geeft de indruk dat, bijvoorbeeld, hoge snelheden voor auto’s en veiligheid voor fietsers en voetgangers te combineren zijn.
Daardoor krijg je een administratie die de kool en de geit wil sparen en zich verschanst achter ‘bijkomend onderzoek’. Intussen verschrompelt de kool en sterft de geit. Vandaag mogen we die beeldspraak concreet vertalen in “zeker” twee dode en drie zwaar gewonde fietsers. Pro memorie: 80% van de zwaargewonden herstelt nooit meer helemaal.  En elk van die slachtoffers heeft familie en vrienden die natuurlijk ook slachtoffer zijn – rouw, pijn, verdriet, een leven dat ingrijpend zal veranderen omdat partners, vaders, moeders, broers en zussen voor de rest van hun leven afhankelijk zijn geworden van de steun van anderen.
IMG_4305
Op het web lees ik dat de waarnemend burgemeester van Kasterlee opmerkt dat het ongeval (sic) gebeurde op “een cruciale oversteekplaats voor het lokale fietsroutenetwerk. Fietsers moeten daar echter een tweevaksbaan oversteken waar het verkeer 90 kilometer per uur mag rijden. We zijn als gemeente dan ook al langer vragende partij om er verkeerslichten te plaatsen. Het Agentschap Wegen en Verkeer onderzoekt momenteel de opties, maar jammer genoeg komt dat te laat voor de betrokkenen van dit ongeval.”
Laat het even doordringen: de gemeente is al langer vragende partij voor verkeerslichten; de administratie onderzoekt momenteel de opties.
Intrigerende vraag: welke zijn dan wel de opties? Niks doen, opdat het autoverkeer gewoon kan verder razen? 90-70-90-70. Een spel van versnellen en weer vertragen, want de snelheidsbeperkingen op de bewuste weg zijn bedacht door iemand die in z’n jeugd graag met een jojo speelde. Of toch iets doen? Verkeerslichten aanbrengen kost tijd en geld. In afwachting daarvan had men de snelheidslimiet al kunnen aanpassen. Kost een paar borden, meer niet.
70-70-70-70. Een geleidelijke snelheid zorgt voor veiliger verkeer, minder uitstoot, minder lawaai – geen detail want op het bewuste stuk wordt geëxperimenteerd met soorten asfalt en hun geluidseffect.
Verkeerslichten kosten overigens niet eens zoveel tijd en geld. Ze zijn het veel goedkopere alternatief voor wat op punten als deze de keuze zou moeten zijn: een ongelijkgrondse kruising.
Nu vandaag minstens een deel van de onderzoeksvragen van de administratie een antwoord hebben gekregen, is er een nieuw onderzoek gestart: dat naar de precieze oorzaak van het ongeval.
Het wrange is dat dit tweede onderzoek het eerste wellicht nog zal vertragen: want nu verkeerslichten zetten, kan door verzekeringsmaatschappijen en advocaten geïnterpreteerd worden als een schuldbekentenis. En dat is wel het laatste wat de wegbeheerder en z’n verantwoordelijke minister willen.

Intussen gaat het kromdenken van het voorruitperspectief gewoon verder. Ik citeer verder uit het webartikel: “Het verkeer vanuit Turnhout naar Kasterlee of Geel wordt gevraagd om te rijden via Retie (E34), vanuit Geel naar Turnhout is er een lokale omleiding langs Retie en Lichtaart.” “Het” verkeer? Fietsers worden dus opgeroepen om voorlopig even de E34 te nemen. Of bedoelt men met “het” verkeer alleen het autoverkeer?

Laat dat precies de fout zijn die de ingenieurs die deze weg ontwierpen destijds maakten.

Over schuinsmarcheren in Berlijn, Delft en Donostia – San Sebastian

We blijven nog even bij de zebrapaden. De geschiedenis van het verkeer sinds de opkomst van de auto is er één van disciplinering, in de eerste plaats die van de andere weggebruikers. Cru gesteld: de verdwijning van het paard dwong de actieve weggebruikers in het gareel.

Was het schuin oversteken van een kruispunt tot dan de normaalste zaak van de wereld, plots moest dat in ‘hoeken’ gebeuren. Nu is de logica omgekeerd: het heel ‘natuurlijke’ schuine oversteken is nu bijzonder geworden.

Zo bijzonder dat hedendaagse verkeerskundigen in katzwijm vallen wanneer ze er oog in oog mee komen te staan. Dan worden de fototoestellen bovengehaald.

Dat deed ik alvast enkele jaren geleden in Berlijn, bij deze ‘vierkant groen’ vlakbij het vroegere Checkpoint Charlie. De voetgangers hebben er op zeker moment in Alle Richtingen Groen, waardoor de regeling af en toe in de literatuur ook wel eens onder het verschrikkelijke acroniem ‘ARG’ opduikt – niet te verwarren met het Antwerpse “(hieël) aarg”.

Berlijn1 657

Bemerk dat de Berlijners hier eenvoudige stippellijnen gebruiken in plaats van zebra’s: nog minder verf en nog minder kans op gladheid dan in Bilbao. Tijdens onze vorige studiereis naar Hamburg leidde dit tot het Grote Zebrapadendebat

Die brave Pruisen bleken zo gedisciplineerd dat ze ook in deze situatie nog in hoeken bleven oversteken. Vrijheid is een vreemd ding als je er niet aan bent gewend.

Enkele weken geleden kiekte ik de onderstaande variant in Delft. Hier gaat het om een niet-lichtengeregeld kruispunt, waar schuinsmarcheren maar ook ‘schuinsfietsen’ actief worden aangemoedigd met een shared space-inrichting. De basisgedachte: veiligheid door onzekerheid – een moeilijk concept om uit te leggen, maar doorgaans werkt het wel (“Dankzij de risicohomeostase!”, roepen onze studenten nu in koor).

Delft shared space

In Donostia – San Sebastian, met een aandeel van 53% voetgangersverplaatsingen in de modal split allicht één van de best scorende ‘wandelsteden’,  lusten ze er ook pap van. Daar is op enkele belangrijke kruispunten de ‘vierkant groen’ zelfs aangevuld met een ‘diagonaal groen’, want ook die relatie kreeg een verkeerslicht.

Diagonaal groen San Sebastian

In België hebben we ook enkele ‘vierkant groens’ (of zijn het ‘vierkanten groen’?), maar ik vermeld ze maar even niet met naam en toenaam. Strikt genomen zijn ze niet legaal. Ook hier steekt de wegcode weer stokken in de wielen: 61.3.2. Wanneer de verkeerslichten op een kruispunt geplaatst zijn, mogen het groene of oranjegele licht slechts verschijnen wanneer de rode lichten branden voor het verkeer dat uit de dwarswegen komt.” Groen geven aan de voetgangers in de ene richting terwijl ook voetgangers in de andere richting groen hebben kan dus niet – een onbedoeld gevolg van het impliciete voorruitperspectief dat veel regels in onze wegcode parten speelt.

Wie legaal dwars over een kruispunt wil kunnen lopen, moet ook een beetje dwars kunnen denken.

Of hoe iets perfect logisch kan lijken, maar het bij nader inzien helemaal niet is.

Een streepje minder

Van Brugge naar Bilbao. Tegenwoordig is het maar een kleine stap voor de mensheid. En dus zetten we hem moeiteloos, samen met een select gezelschap Vlaamse verkeerskundigen (in spe).

Op wandel in de stad waren de zebrapaden één van de dingen die ons het eerst opvielen. De Basken bleken zowel gul als zuinig met hun strepen.

Gul: op de grote voetgangersassen wordt er niet beknibbeld op de breedte. De oversteken zijn royaal bemeten om grote aantallen voetgangers ruim baan te geven.

Zuinig: hier en daar laten de Baskische wegbeheerders een streepje weg. Eén per rijstrook om precies te zijn.

Baskenland studiereis 2017 (242)

Het gladheidsprobleem wordt ook bestreden met reliëfpatronen in de strepen

Is dit ingegeven door kostenbewustzijn? Of is het bedoeld om voetgangers makkelijk te kunnen laten inschatten hoeveel rijstroken ze moeten dwarsen?

Verschillende hypotheses werden geformuleerd, maar uiteindelijk bleek het antwoord eenvoudig en voor de hand liggend: het is een motorfietsvriendelijke maatregel. Motorfietsen krijgen een streepje voor door een streepje minder.

Wetende dat verf op de rijweg nogal eens aanleiding geeft tot gladheid, nog niet zo’n gek idee. Zeker niet in een stad waar het regelmatig regent én waar Vespazwermen tot het normale decorum behoren.

Baskenland studiereis 2017 (462)

De Belgische wegcode stipuleert dat de ruimte tussen de strepen zo’n 50 cm moet bedragen, maar het mag duidelijk zijn dat de door de Basken bedachte uitvoering perfect herkenbaar blijft als een oversteekplaats voor voetgangers…

Over trucks en truuks

Vrachtwagen op fietspad

Plaats genoeg om twee meter achteruit te rijden en daar te lossen, maar toch plompweg op het fietspad gaan staan. Tijd voor educatieve pakketten voor truckchauffeurs?

Wie zich het meest succesvol kan profileren als de ‘realistische partij’ wint doorgaans het debat. Die profilering kan blijkbaar niet vroeg genoeg beginnen, zoals blijkt uit het initiatief van de transportlobby om alvast kinderen in de basisschool te bestoken met didactisch materiaal dat naar eigen zeggen perfect binnen de eindtermen past. Daaronder, ironisch genoeg: “beseffen dat hun gedrag beïnvloed wordt door de reclame en de media”. Over lobbygroepen staat er inderdaad niets in de eindtermen.

Eén van de pakketten is een ‘klasspel’ met de intrigerende titel ‘De verdwenen vrachtwagenchauffeurs’. Het gegeven, ik citeer: “Steven, Svea, Stien, Saïd en Sven, vijf tieners ergens in de toekomst, merken dat de winkelrekken leeg zijn, dat de spullen die zij bestellen niet worden thuis geleverd… Wat is er aan de hand? Er is geen transport meer, want er zijn geen vrachtwagenchauffeurs meer te vinden. De pientere tieners gaan tot actie over, zij lossen het probleem op door nieuwe vrachtwagenchauffeurs te zoeken.”

Daarbij wordt er duidelijk vertrokken vanuit de leefwereld van het kind: “Ooh! Zonder vrachtwagen geen taart op je feestbord.” “Oeps! Zonder vrachtwagen geen wc-papier in je buurt.” “Wow! Zonder vrachtwagen geen klank en licht tijdens je favoriete concert.”

De les (letterlijk en figuurlijk): “vrachtwagentransport is onmisbaar”. Kennelijk leeft bij de transportlobby het idee dat er mensen zijn die beweren dat vrachtwagentransport morgen moet verboden worden.  Het is ook een strategie om een debat te winnen: maak van je tegenstanders een karikatuur en bekamp dan de karikatuur.

Met dit soort drogredenen kinderen proberen te beïnvloeden, neigt dat niet naar indoctrinatie? Stelt dat een soortgelijke tendentieuze boodschap afkomstig was geweest van een religieuze instantie, was er dan niet al lang een parlementaire vraag over gesteld? Maar de transportsector is natuurlijk niet zomaar een religieuze instantie. Hij dient de God van het Geld en de wereld van het geld “is nu eenmaal de realiteit”.

Toen ik de voorbije weken ervoor pleitte om vrachtwagenverkeer en kinderen meer uit elkaar te halen, kreeg ik het ook naar mijn hoofd geslingerd: dat onze samenleving zonder vrachtwagens zou stilvallen. Alsof een lans breken voor minder vrachtwagens en vrachtwagens op andere plaatsen en tijdstippen hetzelfde is als pleiten voor een verbod op alle vrachtwagens.

By the way: zo gewenst kan mijn punt ook de God van het Geld dienen. De uitbreiding van het rekeningrijden tot het gehele wegennet zal immers niet alleen een geweldige duw geven aan de ontwikkeling van duurzame routenavigatie (zodat dit niet eens wettelijk moet opgelegd worden) en de overslag op compactere en lichtere modi (bv. vrachtfietsen voor de last mile) dan wel duurzamere (binnenscheepvaart, spoor). Ze zal de overheid ook geld opbrengen.

Wat mij betreft mag dat geld gebruikt worden om de transportsector te helpen de maatschappelijk gewenste omslag te maken. En voor het onderwijs natuurlijk. Opdat dit voor z’n lesmateriaal niet afhankelijk zou worden van lobbygroepen.

Het kind van het rekeningrijden

Geplaatst op

RekeningrijdenEven recapituleren. Iets meer dan een maand geleden, op 22 februari om precies te zijn, werd in Brugge de zesjarige Yamen door een vrachtwagen doodgereden op het zebrapad voor zijn school.

Door de pers om een reactie op het drama gevraagd stelde ik toen dat het fundamentele probleem ligt in de combinatie van zwaar verkeer met (per definitie) kwetsbare kinderen. Grote vrachtwagens laten rijden in de omgeving van scholen tijdens de scholenspits is vràgen om ongelukken. En omdat er om gevrààgd wordt, zijn het geen ‘ongelukken’ meer. Het zijn dan de verschrikkelijke consequenties van de keuzes die we maken. We. Want wij laten het toe en eisen niet van onze politici om nu, onmiddellijk, stante pede, sito presto de nodige maatregelen te nemen.

Te simplistisch? Misschien. Maar Wallonië stelde zijn regeling wél al bij. En het Brussels gewest maakte van meet af aan de juiste keuzes. Hoogstens is mijn analyse het spiegelbeeld van die van onze beleidsverantwoordelijken: zij maken het probleem eerst nodeloos complex en gaan zich vervolgens verschuilen achter die complexiteit. Dan moet er eerst nog meer op het probleem gestudeerd worden.

Nochtans voorspelde ik twee jaar geleden al het drama van Brugge en alle andere drama’s die sindsdien gebeurden met vrachtwagens en kinderen op school. Want als we het erover eens zijn dat het combineren van vrachtwagens met kleine kinderen een slecht idee is, waarom organiseren we onze samenleving dan op zo’n manier dat precies het tegenovergestelde gebeurt?

Toen het rekeningrijden voor vrachtwagens werd ingevoerd, werd het door de Vlaamse regering beperkt tot het hoofdwegennet. Resultaat? De transporteurs moeten betalen op de wegen waar we ze willen hebben en rijden gratis op de wegen waar we ze liever niet hebben. Twee keer raden wat de transporteurs doen wanneer er een gratis alternatief is voor de betalende route…

Het was voorspeld door een voorafgaande studie, maar eigenlijk was die niet eens nodig: het is gewoon een kwestie van nuchtere economische logica, die zich doorgaans weinig stoort aan andere overwegingen. Maar als ons geweten dreigt op te spelen is er altijd nog de vluchtroute van ‘meer studies’. We doen dan aan wat Peter Sloterdijk ‘integrale onterving’ noemt: we doen ons dommer voor dan we zijn en schuiven de beslissingen nog wat voor ons uit.

Je kan dat één keer doen (bij de invoering), je kan dat twee keer doen (na de invoering, wanneer de klachten van de gemeenten op de Gewestwegen binnenlopen), je kan dat drie keer doen (wanneer de eerste ongevallen gebeurd zijn) en je kan dat blijkbaar vier keer doen: deze week werd een voorstel van Joris Vandenbroucke (SP.a) om het rekeningrijden voor vrachtwagens uit te breiden naar het volledige wegennet weggestemd door de meerderheid van N-VA, CD&V en OpenVLD. Het argument? “Meer onderzoek is nodig.”

Dat de opbrengst van de tolheffing tegenvalt, dat het aantal vrachtwagens op de snelwegen is afgenomen, dat tal van gemeenten aan de alarmbel trekken over het toegenomen vrachtverkeer in de dorpskern,… het mocht maar eens toeval zijn. Dat er ondertussen doden vallen? Jammer maar helaas. De vermeende belangen van de transportsector gaan kennelijk voor op die van kinderen.

Normaal zou nu het kot nu te klein moeten zijn. Maar we ondergaan het gelaten. Er gebeurt niets. Of beter: we laten het verder gebeuren. Kind na kind na kind.

Misschien moet Animal Rights bij de volgende tragedie maar eens een filmpje maken van dat wat we niet willen zien en weten. Voor varkens helpt het. Wie weet straks ook voor kinderen.