RSS Feed

Categorie archief: democratie

Uitgelezen kunst

Een bekentenis. In een vorig bericht heb ik overdreven. Een klein beetje maar.

Maar toch. Overdrijven is altijd overdreven, vind ik.

Daarom deze rechtzetting: in Kassel was er één installatie die wel degelijk indruk op mij maakte: the Parthenon of Books van Marta Minujin.

Kassel Parthenon of books (1)

De ‘replica’ van het beroemde bouwwerk op de Akropolis in Athene is opgetrokken uit boeken die ooit ergens ter wereld werden verboden – of nog verboden zijn. Doordat het om gedoneerde boeken gaat, zaten er nogal wat dubbels tussen (opvallend veel ‘Duivelsverzen’ en ‘1984’ bijvoorbeeld), maar niettemin is het een prachtig monument van dubbel-zinnigheid: van op afstand het symbool van democratie, wijsheid en beschaving, van dichtbij een symbool van dictatuur, domheid en barbarij.

Kassel ParthenonIMG_0670IMG_0679

Goeie kunst is altijd een beetje schizofreen.

Ik begin er ook over omdat er dezer dagen in de boekhandels een dystopisch boek over boekverbrandingen in de boekhandels ligt. Dat is een beetje veel ‘boek’ in één zin, maar laten we het er op houden dat de vorm in dit geval de inhoud afdekt.

‘Fahrenheit 451’ van Ray Bradbury, want daarover hebben we het, dateert al uit 1953 en ik las het zelf een jaar of acht geleden, maar het is me bijgebleven én het werd zopas herdrukt. Allicht omdat het, helaas, nog altijd, nou ja, brandend actueel is. En omdat het gewoon een ijzersterk boek is.

Waarschuwing: kijk nu niet op Wikipedia, want daar wordt het hele verhaal al verklapt. Ik beperk mij tot de aanzet van het verhaal: hoofdpersonage Guy Montag is een ‘brandweerman’ met als opdracht het opsporen en in brand steken van het gevaarlijkste bezit dat mensen kunnen hebben: boeken.

“Een boek is een geladen geweer in het huis van je buurman. Verbrand het. Haal de kogels uit het wapen. Sla een bres in de menselijke geest. Wie weet wie niet het doelwit zou kunnen worden van een belezen mens! Ik? Ik zou hem nog geen halve minuut dulden.”

Vanzelfsprekend gaat de protagonist aan het twijfelen en dat zorgt, behalve voor een gezonde dosis spanning, vooral voor snedige analyses en beschouwingen.

Dit is het moment om ‘Fahrenheit 451’ in verband te brengen met mobiliteit, want daarop zitten jullie natuurlijk te wachten. Welaan dan. Wat had u gedacht van dit citaat, een scherpe schets van wat ik in ‘De file voorbij’ zelf beschreef onder het kopje ‘Jack The Ripper en de fout van de V85’:

“Zelfs al was de straat volkomen verlaten, dan kon je er natuurlijk nog niet van op aan dat je hem veilig kon oversteken, want er kon eensklaps een auto opduiken vanachter de helling die vier zijstraten verder lag en bij je zijn en langs je heen schieten eer je een dozijn keer had kunnen ademhalen.” 

Spring die fiets op en peddel naar de onafhankelijke boekhandel waar nog 1000 bloemen mogen bloeien. (Of hoe een leestip toch nog een kleine reistip werd.)

Lees de rest van dit bericht

Mediapauze

Geplaatst op

Mobiliteit stond nog nooit zo in de belangstelling van de media als de afgelopen jaren. Komt allicht doordat iedereen met zijn ellebogen aanvoelt dat de manier waarop we onze mobiliteit vandaag organiseren niet lang meer vol te houden is.

Voorlopig blijft het meestal nog bij steekvlamjournalistiek. Als er een dodehoekdrama gebeurt, bellen journalisten over ‘dodehoekongevallen’. Als er toevallig even geen gebeuren, bellen ze niet en schrijven ze ook niets over het uitblijven van beleidsmaatregelen. Wanneer zich weer een drama voordoet, bellen ze opnieuw,  zéker als het interval toevallig heel kort is.

Telkens zeg ik dan hetzelfde. Dat het geen ongeval is, dat het een gevolg van keuzes is, dat twee van die keuzes conflictvrije verkeerslichten en ongelijkgrondse kruisingen zijn, dat doorstroming kennelijk vaak zwaarder weegt dan veiligheid, en zo verder. Dan hoor ik mezelf bezig en vraag ik me af: veinzen ze nu interesse of ménen ze het? Waarom nemen ze er niet gewoon hun notities van de vorige keer bij? Hoe lang nog voor iemand me sommeert: “Zet die plaat af!”

Hetzelfde gevoel kreeg ik de laatste maanden als het ging over salariswagens, rekeningrijden, trajectcontroles, snelheidsverhogingen en -verlagingen, zones 30, fietsbeleid, fietsoversteekplaatsen, zin en onzin van fietsstraten, fietshelmen en speedpedelecs, deelfietsen, deelauto’s, files en hun aanpak, mobiliteits- en circulatieplannen in diverse steden, voetgangerszones en autovrije centra, carpooling, parkeerbeleid, dieselgate, elektrische fietsen en dito auto’s en ik vergeet er nog een paar.

IMG_0500

Intussen ouwe rot weerspiegeld in een Hot Rod.

Natuurlijk ben ik dankbaar voor het forum dat ik krijg, maar soms heeft het iets van water naar de zee dragen of, zoals de Belgische kunstenaar Francis Alÿs deed, een ijsblok verplaatsen terwijl de zon schijnt: “Sometimes doing something leads to nothing.”

Dat is in dit geval overdreven natuurlijk. U weet wel: de spijker en dat we erop moeten blijven kloppen. Geen nood. Wie mij kent, weet dat ik zal blijven kloppen. Maar toch.

Steeds vaker heb ik het gevoel dat we rondjes draaien, kringetjes rondjes en helemaal niet aan kennisopbouw doen. Anders zouden mijn ‘oude’ inzichten (en die van andere mobiliteitsexperts) toch niet telkens als ‘nieuws’ kunnen worden opgediend?

Klinkt dit klagerig? Dat is alvast niet de bedoeling. Ik zie ook wel dat het debat opschuift: bedrijfswagens worden steeds vaker genoemd wat ze zijn (salariswagens) en het taboe brokkelt zienderogen af, dat het dieselverhaal een aflopende zaak is dringt langzaam maar zeker door, steeds meer mensen zien in dat meer parkeerplaatsen soms resulteren in meer parkeerproblemen enzovoort. Het bougeert, het kraakt, het schuift, maar – o zo langzaam en dat in een wereld die steeds sneller verandert: de poolkappen smelten aan een adembenemend tempo, de plastic soup belandt steeds letterlijker in ons bord, geopolitiek wisselen de kansen haast dagelijks, nieuwe technologieën herscheppen het mobiliteitslandschap voortdurend…

Kunnen we in die context tevreden zijn met elke dag een andere steekvlam te lijf te gaan, consequent negerend dat het hele bos in brand staat?

Ik denk dat het antwoord ontkennend is en ik vermoed dat hetzelfde geldt voor de meeste mensen die dit lezen. Alleen: hoe pakken we het dan wél aan?

Eerlijk: ik weet het (ook) niet. En dus eigen ik me wat tijd toe om na te denken. Daarover en over andere dingen. Ik neem dus een kleine break.

Wie weet levert het wat op. In het beste geval weet ik daarna hoe we uit onze herhalingsmodus kunnen breken, hoe we van het rondjes draaien misschien in een spiraal naar boven kunnen komen. In het slechtste geval heb ik over enkele weken wat nieuwe inzichten verworven en kan ik nog eens iets nieuws vertellen.

Lieve mediamensen, een maandje mediapauze, kunnen we daarmee leven? Als de nood heel hoog is: vlooi jullie notities na. De kans is groot dat het antwoord er al in staat. En verder is het een mooie gelegenheid om eens andere stemmen aan het woord te laten. Verandering van spijs doet eten.

Overigens ga ik natuurlijk niet helemààl zwijgen. Af en toe zal het ventieltje van deze blog nog wel open gaan – da’s een kwestie van lijfsbehoud.

Hartelijke groet en een inspirerende, rustgevende, deugddoende vakantie gewenst!

Zwaar vervoer, zware verantwoordelijkheid

Geplaatst op

Gisteren was het weer zover: een dodelijk dodehoekongeval. Eén dode, zegt de krant, maar er was natuurlijk een meervoud aan slachtoffers- van gezins- en familieleden over vrienden tot en met de vrachtwagenchauffeur die vermoedelijk als ‘dader’ in de statistieken terecht zal komen.

Telkens er zich zo’n drama voltrekt is er wel één journalist die mij belt. En dan hoor ik mijzelf steeds hetzelfde herhalen: dat het geen ongeval is, maar het gevolg van maatschappelijke keuzes, dat we leven in een samenleving die veiligheid behandelt als Russische roulette. In Vlaanderen hanteren we een pistool met 1 kogel voor 12.500 gaatjes – het gevolg van onze weigering om consequent werk te maken van verkeersveiligheid en andere waarden zwaarder te laten doorwegen: economische, financiële, electorale – tot en met banaal gemakzuchtige.

Ook gewone kost langs Vlaamse wegen: de pech- of parkeerstrook als stockageplek voor transportbedrijven. Jammer voor de fietsers als die strook toevallig te smal is.

Het is nooit zonder risico om uitspraken te doen over een concreet ongeval, maar een blik op het kruispunt in kwestie leert dat een conflictvrije verkeerslichtenregeling tot de mogelijkheden had behoord. Helaas, niettegenstaande deze regeling in de beleidsbrief van minister Weyts naar voor wordt geschoven als de gewenste ‘default’, bestaat er nog altijd geen ‘Moonproject’ voor de aanpak van onze gevaarlijke kruispunten dat zegt: “tegen 2020 moeten alle lichtenregelingen herzien zijn en waar mogelijk conflictvrij”. In het beste geval wordt het kruispunt in kwestie nu door de wegbeheerder(s) even tegen het licht gehouden. Ad hoc, maar vooral: post hoc.

Hetzelfde liedje wat betreft het rekeningrijden voor vrachtwagens. Een prima maatregel die de reële kosten voor wegvervoer een beetje rechtvaardiger verdeelt, maar jammer genoeg zo toegepast dat de nadelen de voordelen gaan overschaduwen. Doordat Vlaanderen ervoor koos om het rekeningrijden voor vrachtwagens te beperken tot het hogere wegennet, kregen we een verschuiving van het vrachtwagenverkeer naar uitgerekend die wegen waar we ze het minst graag hebben: naar de straten en wegen van het onderliggende wegennet, waar onze dorpskommen, schooltjes, speelterreinen en kindercrèches zich bevinden.

Door de opeenvolgende tragedies en de aanhoudende stroom klachten vanuit de gemeenten, zegde de minister toe om de verschuiving te onderzoeken. In de fysica zou dit neerkomen op een onderzoek naar het bestaan van de zwaartekracht. In de context van de verkeerskunde accepteren we dit.

In Vlaanderen dan toch. Want het Brussels gewest was zo verstandig om rekeningrijden van meet af aan toe te passen op het hele netwerk. Het maakte bovendien de tarieven op het onderliggende netwerk hoger dan op de snelwegen. Een perfecte keuzearchitectuur die de keuzes stimuleert die maatschappelijk het meest gewenst zijn.

En Wallonië, u weet wel, dat stuurloze gewest dat leeft van het ene schandaal in het andere, stuurt bij en trekt nu een aantal gedetecteerde ‘sluiproutes’ mee in het systeem.

Vlaanderen doet, in afwachting van de uitkomst van onze zoektocht naar het bekende, het omgekeerde: per 1 juli werden de tarieven geïndexeerd, waardoor het de facto nog een beetje aantrekkelijker en dus verleidelijker wordt om de kleinere wegen onveilig te maken.

Als het een troost voor onze Vlaamse regenten mag zijn: op één punt volharden de drie gewesten in dezelfde fout. Euro 5- en Euro 6-vrachtwagens betalen overal even veel, ondanks voorafgaande beloften dat de minst milieubelastende trucks minder zouden moeten betalen.

Daarmee werden de bedrijven die zo naïef waren de beloften van de Belgische overheden te geloven en voortvarend investeerden in een duurdere Euro 6-vloot vakkundig een hak gezet. Verkeersveiligheid, milieuvriendelijkheid en gezondheid: zelfs wanneer ze ook op de korte termijn met de economische belangen sporen, slagen we er nog niet in de juiste keuzes te maken.

 

Info: Aangepaste kaarten en tarieven die gelden vanaf 1 juli 2017

Dikke fout

Geplaatst op

Dat we in rare tijden leven, zeg ik u. De ene dag is het van responsabilisering hier en voor-wat-hoort-wat ginder. De volgende dag barsten we van clementie en is vergevingsgezindheid de weg die we moeten gaan. In het mobiliteitsbeleid komt dat er nogal eens op neer dat de responsabilisering vooral gereserveerd is voor de meest kwetsbaren die de risico’s lopen en de vergevingsgezindheid voor de sterken die de risico’s creëren.

De mededeling van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) dat het in de toekomst alleen nog dunne boompjes langs zijn wegen zou planten, was daarvan een zoveelste illustratie.

Ik krabde mijn kruin en schreef er een stukje over dat vandaag in De Standaard verscheen. Alfabeten die het Nederlands machtig zijn kunnen het hier lezen.

dikke-800

En intussen kwam er (massale) reactie “vanuit het veld”: inleiding en open brief aan de minister vind je hier.

Kasterlee(d)

Geplaatst op
VIRB Picture

Foto: Thierry Jiménez-Scholberg

Het drama in Kasterlee eiste uiteindelijk geen twee maar drie dodelijke slachtoffers. Van de zwaargewonden vernemen we vermoedelijk nooit nog iets. Die zijn toegevoegd aan de wachtlijsten van minister Vandeurzen.

De verontwaardiging over het gebeurde hebben we intussen ook weer achter de rug. Velen waren verontwaardigd over het (voort)bestaan van een levensgevaarlijke verkeerssituatie (een “2×2” met 90km/u als snelheidslimiet zonder oversteekvoorzieningen voor fietsers of voetgangers). Anderen waren dan weer verontwaardigd over mijn reactie.

Hun argumenten? Dat de fietsers het zelf gezocht hadden (“want fietsers denken dat ze altijd voorrang hebben”). En dat ik de chauffeur ten onrechte en te vroeg de schuld had gegeven. Wat ik, voor alle duidelijkheid, noch gezegd noch geschreven heb. Maar velen hadden het dus wel gelezen.

Een ander argument was dat deze “expert” (met obligate aanhalingstekens) wel goed gek moest zijn om te beweren dat ongevallen eigenlijk niet bestaan. “Luister naar experts en het aantal doden gaat x 10”, schreef er eentje op de site van Het Laatste Nieuws. Hoog tijd dus om adviseurs te selecteren waarvan we met zekerheid weten dat ze er niks van kennen. Jammer dat die lezers doorgaans reageren onder pseudoniem, anders konden we ze een job aanbieden.

Toen na enkele dagen bleek dat een vrachtwagen gestopt was om de fietsers over te laten (en de chauffeur van de auto dit te laat had gezien), kwam er nog wat verontwaardiging bij over de truckchauffeur: nu zie je wat er van komt als je zomaar hoffelijk bent en anderen voorrang geeft! Het was de volkse variant op het nieuwe discours van Bart De Wever waarin die de ‘Gutmenschen’ afserveert als idealistisch, naïef en dus schadelijk. Het zette filosoof Ignaas Devisch aan tot de vaststelling dat realisme op zijn beurt “vaak niets meer (is) dan een ontgoocheld surrogaat voor mislukt idealisme.”

Mocht ik dezer dagen dus een beetje bitter klinken, het echte cynisme zit in het geloof dat tragedies als die in Kasterlee niet kunnen worden vermeden – of, nog erger, dat ze het gevolg zijn van al te goede bedoelingen.

Wie zich ook in het kamp bevond van de onvermijdelijkheid en dus de niet-maakbaarheid van verkeersveiligheid was minister van Mobiliteit Weyts, die het tot voor kort nochtans consequent had over “de schande van de 400” (doden in Vlaanderen). Nu het allemaal wat dichtbij kwam, gaf hij niet thuis. Eerst was hij niet bereikbaar voor commentaar. Daarna liet hij verstaan dat het allemaal het gevolg is van onoplettendheid van de chauffeur. Met die analyse sloot hij aan bij een ander deel van het anonieme internetkoor, dat tot de pientere conclusie kwam dat als iedereen zich een beetje aan de verkeersregels zou houden, de wereld er een stuk beter uit zou zien.

VIRB Picture

Foto: Thierry Jiménez-Scholberg

Dat is dus weeral dat. De wegbeheerder draagt geen verantwoordelijkheid, laat staan dat hem enige schuld treft of dat er een les zou moeten worden getrokken. De enigen die hier eventueel verantwoordelijkheid dragen zijn de direct betrokkenen: de chauffeur van de auto, die van de vrachtwagen, de fietsers of allemaal een beetje. Dat we onze wegen ook zo zouden kunnen inrichten dat wél onvermijdelijke menselijke fouten niet noodzakelijk met de doodstraf worden bestraft, het komt niet eens meer ter sprake.

Zo wordt handig de angel uit het debat gehaald en wordt een maatschappelijke en politieke keuze, met name dat we prioritair middelen besteden aan de vlotte doorstroming van de auto en niet aan de veiligheid van de andere weggebruikers, gereduceerd tot een individuele aangelegenheid waarmee wij niets te maken hebben.

En zo is het dan alleen wachten op het volgende drama en de volgende steekvlam van verontwaardiging en medeleven.

Misschien zullen we daar niet eens veel geduld voor moeten oefenen. Terwijl ik dit schrijf krijgt mijn echtgenote een telefoontje van vrienden met de tijding dat hun dochter bij het oversteken is aangereden. Het plaatje doet een akelig belletje van herkenning rinkelen: op een Gewestweg, door een gehaaste automobilist die een gestopte vrachtwagen inhaalde.

Het verschil is dat de dochter voorrang had. En ‘geluk’. Alleen haar fiets heeft het niet overleefd, de partijen hebben het ‘onderling geregeld’.

Voor de officiële statistieken blijft de bewuste plaats bijgevolg veilig en dus is er voor de beleidsverantwoordelijken niets maar dan ook helemaal niets om zich ongerust over te maken.

Geen ongeval in Kasterlee, wel doden en zwaargewonden

Geplaatst op
kruisterlee-800In Kasterlee is een zwaar ongeval gebeurd. Zo wordt het vandaag gecommuniceerd. Zo zal het morgen ook in de kranten staan.
Fake news, want het is geen ongeval: het is het gevolg van keuzes die werden gemaakt. Of net niet worden gemaakt. Door het en-en-verhaal waar minister Weyts vandaag weer mee uitpakte toen hij ging spreken bij Voka. ‘En-en’ is een populair riedeltje, want het geeft de indruk dat, bijvoorbeeld, hoge snelheden voor auto’s en veiligheid voor fietsers en voetgangers te combineren zijn.
Daardoor krijg je een administratie die de kool en de geit wil sparen en zich verschanst achter ‘bijkomend onderzoek’. Intussen verschrompelt de kool en sterft de geit. Vandaag mogen we die beeldspraak concreet vertalen in “zeker” twee dode en drie zwaar gewonde fietsers. Pro memorie: 80% van de zwaargewonden herstelt nooit meer helemaal.  En elk van die slachtoffers heeft familie en vrienden die natuurlijk ook slachtoffer zijn – rouw, pijn, verdriet, een leven dat ingrijpend zal veranderen omdat partners, vaders, moeders, broers en zussen voor de rest van hun leven afhankelijk zijn geworden van de steun van anderen.
IMG_4305
Op het web lees ik dat de waarnemend burgemeester van Kasterlee opmerkt dat het ongeval (sic) gebeurde op “een cruciale oversteekplaats voor het lokale fietsroutenetwerk. Fietsers moeten daar echter een tweevaksbaan oversteken waar het verkeer 90 kilometer per uur mag rijden. We zijn als gemeente dan ook al langer vragende partij om er verkeerslichten te plaatsen. Het Agentschap Wegen en Verkeer onderzoekt momenteel de opties, maar jammer genoeg komt dat te laat voor de betrokkenen van dit ongeval.”
Laat het even doordringen: de gemeente is al langer vragende partij voor verkeerslichten; de administratie onderzoekt momenteel de opties.
Intrigerende vraag: welke zijn dan wel de opties? Niks doen, opdat het autoverkeer gewoon kan verder razen? 90-70-90-70. Een spel van versnellen en weer vertragen, want de snelheidsbeperkingen op de bewuste weg zijn bedacht door iemand die in z’n jeugd graag met een jojo speelde. Of toch iets doen? Verkeerslichten aanbrengen kost tijd en geld. In afwachting daarvan had men de snelheidslimiet al kunnen aanpassen. Kost een paar borden, meer niet.
70-70-70-70. Een geleidelijke snelheid zorgt voor veiliger verkeer, minder uitstoot, minder lawaai – geen detail want op het bewuste stuk wordt geëxperimenteerd met soorten asfalt en hun geluidseffect.
Verkeerslichten kosten overigens niet eens zoveel tijd en geld. Ze zijn het veel goedkopere alternatief voor wat op punten als deze de keuze zou moeten zijn: een ongelijkgrondse kruising.
Nu vandaag minstens een deel van de onderzoeksvragen van de administratie een antwoord hebben gekregen, is er een nieuw onderzoek gestart: dat naar de precieze oorzaak van het ongeval.
Het wrange is dat dit tweede onderzoek het eerste wellicht nog zal vertragen: want nu verkeerslichten zetten, kan door verzekeringsmaatschappijen en advocaten geïnterpreteerd worden als een schuldbekentenis. En dat is wel het laatste wat de wegbeheerder en z’n verantwoordelijke minister willen.

Intussen gaat het kromdenken van het voorruitperspectief gewoon verder. Ik citeer verder uit het webartikel: “Het verkeer vanuit Turnhout naar Kasterlee of Geel wordt gevraagd om te rijden via Retie (E34), vanuit Geel naar Turnhout is er een lokale omleiding langs Retie en Lichtaart.” “Het” verkeer? Fietsers worden dus opgeroepen om voorlopig even de E34 te nemen. Of bedoelt men met “het” verkeer alleen het autoverkeer?

Laat dat precies de fout zijn die de ingenieurs die deze weg ontwierpen destijds maakten.

Over lintwormen en hun neveneffecten

Geplaatst op

Vlaanderen telt naar schatting 6000 kilometer lintbebouwing – een rij woningen van hier tot in Portugal en terug, dixit Erik Grietens van de Bond Beter Leefmilieu. Die kost de overheid, dus ons allemaal, zo’n 126 miljoen euro per jaar. Dat is ongeveer 1,26 keer zoveel als wat de Vlaamse regering dit jaar aan fietsvoorzieningen zal besteden.

Officieel dan toch. In werkelijkheid is de verhouding nog wranger. Want de cijfers, afkomstig van minister van mobiliteit Weyts, zijn allebei aangepast in de richting die politiek het best uitkomt. Dat wil zeggen dat de kosten van de lintbebouwing onderschat zijn en de uitgaven voor fietsvoorzieningen overschat. De eerste zijn immers een eenvoudige som van de kosten voor het wegenonderhoud en de wegverlichting (antwoord op een parlementaire vraag van Ingrid Pira). De meerkosten van bijvoorbeeld de ophaling van huisvuil, de bedeling van post, de extra autokilometers en de daarmee samenhangende gezondheids- en milieukosten (fijn stof, verkeersslachtoffers, klimaat), het verlies aan rendement voor het openbaar vervoer en de kosten voor riolering en waterzuivering  zijn in de 126 miljoen euro niet meegerekend. Lintbebouwing is niets minder dan een  lintworm voor een overheidsbegroting.

Het volgens de minister “historische” cijfer van 100 miljoen euro voor fietsvoorzieningen dan weer bleek bij nadere analyse door de Fietsersbond een beetje opgeleukt. De excellentie ging nogal breeddenkend om met het begrip ‘fietsvoorziening’. Zo rekende hij bijvoorbeeld de totaalkost van de Zuidbrug in Halle en de heraanleg van de N14 in Zandhoven integraal mee als een fietsproject, terwijl het grootste aandeel daar wel degelijk auto-infrastructuur betreft. Fake nieuws, het kent vele gradaties.

In ieder geval mag duidelijk zijn dat de jaarlijkse kost van de lintbebouwing verschillende keren hoger ligt dan wat Vlaanderen besteedt aan fietsvoorzieningen. Een mens zou denken dat dit wat nader onderzoek verdient, maar desgevraagd (opnieuw door Pira, nadat de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening (SARO) zulks had gesuggereerd) liet minister Schauvliege weten daarin niet geïnteresseerd te zijn. Dat is natuurlijk ook een tactiek: als je iets niet weet, hoef je er ook geen rekening mee houden. Het is de spiegelbeeldvariant van die andere tactiek: we weten het eigenlijk al, maar we gaan het eerst nog eens onderzoeken. Zie het debat over de neveneffecten van het rekeningrijden voor vrachtwagens.

Drempel op plateau 3

Aan dit alles dacht ik vanmorgen toen ik in Hasselt de nieuwe ventweg zag langs een stukje van de fameuze Noord-zuidverbinding. Enkele baanwinkels, één van de meest nefaste vormen van lintbebouwing, zorgden er voor gevaarlijke manoeuvres (op- en afrijden op een 2×2-weg waar 70km/u mag worden gereden) en dus werd gekozen voor de aanleg van een ventweg. Terzijde: ook die kost werd niet verrekend in het hierboven geciteerde getal van 126 miljoen euro.

Niet getreurd echter. Zo’n ventweg is, op het wegnemen van de oorzaak na natuurlijk, de best mogelijke maatregel. Daardoor worden doorgaand verkeer en bestemmingsverkeer van elkaar gescheiden. Een duimpje voor de heren en dames van de Administratie Wegen en Verkeer!

Maar u weet hoe dat gaat. De bedoelingen kunnen nog zo nobel zijn, altijd weer zijn er onverwachte neveneffecten. In dit geval kreeg een bepaald soort automobilisten een “unsollicited gift” – een voordeel waar ze niet om hadden gevraagd. Toch aanvaardden ze het in dank. Ze gingen de ventweg benutten als een bypass om de wachtrij voor de verkeerslichten langs rechts voorbij te sjezen: onveilig en unfair.

Drempel op plateau 2

Bemerk: rood mag de laatste jaren dan meer en meer de standaard zijn geworden voor fietsvoorzieningen, hier werd toch weer gekozen voor grijs.

Die van de Administratie verdienen een tweede duimpje (disclaimer: men liet mij verstaan dat er vraag naar was). Ze ondernamen immers actie om het neveneffect te milderen. Er kwamen extra snelheidsremmers bovenop de plateaus. Het is een beetje een vreemd zicht, zo’n snelheidsremmer bovenop een veronderstelde snelheidsremmer, maar zo’n venijnige drempel, meestal gereserveerd voor werfsituaties en privédomein, is wel effectief.

Helaas loert ook hier weer een onbedoeld neveneffect om de hoek. Het is niet ondenkbaar dat we hier binnenkort paaltjes zullen zien verschijnen, om te voorkomen dat hardleerse piloten het fietspad als ontwijkstrook gebruiken.

Allicht zal de kost van die paaltjes dan weer bij de uitgaven voor fietsvoorzieningen worden geteld.

Zodat we dan toch weer het gevoel hebben dat we goed bezig zijn.