RSS feed

Tagarchief: Volkswagen

Tafereel

Geplaatst op

Zonder Jeep kan je blijkbaar ook buiten de lijntjes parkeren.

Blijft de vraag: komt het door de kleur of door de sjoemelsoftware? Of zijn er nog andere gemeenschappelijke kenmerken?

Wegbeheerders kunnen hoe dan ook concluderen dat investeren in comfortabele parkeerfaciliteiten niet echt noodzakelijk is.

IMG_0382

Advertenties

140 miljoen euro

Audiringen

De lezers van The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy weten het: het antwoord op de vraag naar het leven, het heelal en de rest is ’42’. Meer zeg ik niet, ik wil geen kosmische spoiler op mijn geweten hebben.

In de Belgische politiek lijkt het antwoord ‘140 miljoen’ te zijn. Misschien betekent het niks, maar het kan ook zijn dat ik iets belangrijks op het spoor ben. Daarom deel ik het hier alvast. Samen komen we er misschien achter wat er aan de hand is.

Eerste bedrijf: de verenigde regeringen van dit land (minus eentje) hebben allemaal samen 140 miljoen ‘vrijgemaakt’ (eufemisme voor: ‘ergens anders weggenomen’ – denk er eens aan de volgende keer dat er geschermd wordt met een gebrek aan geld) voor een Duitse autobouwer. De deal lijkt te zijn: Audi bouwt z’n nieuwe monstermachine volgens het beproefde volhoudbare concept ‘tegroottezwaarentochtesnel’ (mààr gelukkig wel op kernenergie) in Vorst en krijgt in ruil belastingsvoordelen, subsidies en op maat gesneden fiscale gunsttarieven voor dit soort producten – waarbij 140 miljoen dan eigenlijk alleen de ondergrens is. Men zou kunnen zeggen: 140 miljoen euro is niet zoveel. Daar kan je amper 9 CEO’s van het type ‘Winterkorn’ (de grote baas die wegens wanprestaties in september naar de uitgang werd geleid met een pensioenpotje van een 28,5 miljoen euro, het zal hem leren) een jaar van betalen. Al zouden slecht menende mensen het gemiddelde Belgische brutoloon als maatstaf nemen en uitkomen op een jaar betaald werk voor zo’n 3365 werknemers of, stel u voor, start-ups, kleine ondernemers die met een eigen creatief idee aan de slag gaan en zomaar een duwtje in de rug zouden kunnen krijgen om op eigen benen te staan.

Maar goed, 140 miljoen euro om de Duitse vakbond de bouw van een Duitse prestigewagen door de neus te boren, het kan ook worden beschouwd als een broodnodige investering in een verbetering van het imago van ons land. Tenslotte gaf de hele operatie nog eens een zeldzaam voorbeeld van politieke eensgezindheid te zien: liberalen, christendemocraten, nationalisten, Waalse socialisten en vakbonden bleken het (ont)roerend eens. Ook dat mag iets kosten.

Tweede bedrijf: 140 miljoen euro was ook het bedrag waarmee we eerder deze week wakker werden in De Tijd en dus ook op het radionieuws. Het was de som die de Vlaamse regering in het algemeen en minister van mobiliteit Weyts in het bijzonder het komende anderhalf jaar “extra” gaat investeren “in wegen en openbaar vervoer”. Het is duidelijk dat het bedrag ‘140 miljoen’ nu moest klinken als ‘héél véél’ en dat dankbaarheid en erkentelijkheid gepast zijn. Zo werd er dus ook over bericht. Ze doen het dan toch maar, onze bestuurders. Bij nader inzien bleek de verdeling toch een beetje scheef te zitten. Van de 140 miljoen bleek 136 miljoen te zijn bestemd voor een asfaltinfuus voor het stervende autoparadigma, het schaambrokje van 4 miljoen was voor De Lijn. En eigenlijk was het niet eens dat, want het bedrag komt gewoon van De Lijn zelf. Het betreft de inkomsten die worden gegenereerd door de vervanging van het gratistarief voor senioren door een 50 euro-abonnement.

Blijft de vraag of 140 miljoen euro nu veel geld is of niet. Soms blijkbaar wel. Soms dan weer niet. Niet als we de bevolking moeten uitleggen dat we een in opspraak gekomen multinational subsidiëren om in ons land elitaire, voorbijgestreefde producten te produceren. Wel als we diezelfde bevolking willen vertellen dat de oplossing van de files nog een kwestie van tijd is: nog even geduld, er wordt “extra” geïnvesteerd in wegen. Bestel in afwachting alvast een elektrische auto, liefst een dikke Audi, want dat is goed voor de lokale economie. Noem het een integrale, vooruitziende aanpak, heel anders dan die van de kortzichtige, Brusselse regering, die wél investeert in nieuwe auto’s, maar niet in nieuwe tunnels. Ik stel voor dat we de Vlaamse visie meteen ook decretaal verankeren en het theoretische STOP-principe vervangen door het veel praktischere Stopcontactprincipe.

Derde bedrijf: toen ik gisteren begon aan de lectuur van ‘De eerste steen’, het autobiografische boek van ex-vicepremier Steven Vanackere, stootte ik verdorie toch weer op het bedrag van 140 miljoen euro. Op pagina 20 schrijft hij: “Ons politiek bedrijf, dat niet eens perfect functioneert, kost bovendien best wel wat geld. Als Vlaams volksvertegenwoordiger berekende ik eens dat de werking van het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering toen per jaar zo’n 140 miljoen euro kostten.” Dat biedt een interessante maatstaf voor het voorafgaande. De afgelopen weken gaven wij dus het equivalent van twee keer de kost van de Vlaamse democratie weg aan enerzijds een multinational voor de productie van een product waarvan we het gebruik willen terugdringen en anderzijds aan ‘oplossingen’ voor de door het gebruik van dat product veroorzaakte problemen.

Vanackere heeft overigens nog een maatstaf achter de hand: “Veel geld? Tot je bedenkt dat dit overeenstemt met het bedrag dat de Amerikaanse belastingbetaler betaalde voor het financieren van drie uur oorlog in Irak, de schade aan de Irakezen niet meegerekend.”

Dat laatste is een geluk voor onze vergelijking, want de door de Audi Q6 (en al zijn concurrenten) veroorzaakte schade hadden we ook niet meegerekend.

(Zak)doek.

 

Van VW-gate over Dieselgate naar Cargate

Tesla2015

Eindelijk is het dan zover: de automobielwereld zit middenin een reality check. Naar het zich laat aanzien, pakt die niet goed uit. Niet voor de Volkswagengroep, die dacht de waarheid een pootje te kunnen lichten met bedrogsoftware, maar evenmin voor de anderen. Enerzijds omdat net nu de Europese Commissie moet beslissen over een verstrenging van de normen en de controle erop. Anderzijds omdat het met de billen dichtgeknepen wachten is op de volgende onthulling over bewuste manipulatie. Of zou het zedige zwijgen van de concurrentie dan toch ingegeven zijn door een plotse moraalopstoot die nu uitpakken met de eigen betrouwbaarheid als ongepast kwalificeert?

‘We moeten niet naïef zijn,’ zoals onlangs een Vlaamse partijleider niet moe werd te herhalen. De sterkste indicatie dat het techno-optimisme weinig grond heeft om op te staan, kregen we van autojournalist Vic Heylen – iemand die de branche van binnenuit kent. Volgens hem maken de strenge milieunormen de auto kapot, wat eigenlijk een perfide manier is om te zeggen dat de autosector niet aan die normen kan voldoen. Een bevestiging daarvan vinden we ook in de stelling dat de CO2-doelstellingen (maximaal 95 gram CO2/100km in 2010) alleen kunnen worden gehaald “met een voldoende groot aandeel dieselmotoren in de verkoopmix.” Alleen moeten we er dan weer een overschrijding van de NOx-normen bijnemen. Genereus van de sector dat we mogen kiezen tussen de pest en de cholera. 

Wat de voorbij weken aan het licht kwam is een kwaadaardige overdracht van fragiliteit: om zich staande te houden in de concurrentiestrijd verleggen de autoconstructeurs de eigen fragiliteit naar ons milieu en onze gezondheid. De lusten voor hen, de lasten voor ons. En als het toch misloopt, dan is er altijd nog chantage waarop kan worden teruggevallen. Politieke leiders moeten in geen geval denken dat ze de autosector zomaar de wet kunnen doen naleven – zélfs al werd die op maat van diezelfde sector geboetseerd. Dat de familie Quandt, hoofdaandeelhouder van BMW, de verkiezingscampagne van Frau Merkel sponsorde, hoeft dan nog niet eens het zwaarst te wegen. 600.000 werknemers zijn een voldoende grote groep gijzelaars om een en ander gedaan te krijgen. In België volstaan zelfs dik 8000 mensen om de doel-middelverdraaiing haar vernietigende werk te laten doen. Dus betalen drie van onze regeringen in totaal 130 miljoen euro aan Audi Vorst (lees: Koning Auto) om de auto-afhankelijkheid van onze economie met nog een paar jaar te verlengen. Dus wordt de jaarlijkse miljardensubsidie voor salariswagens niet in vraag gesteld. En dus buitelen de politici over elkaar heen als Elon Musk van het ene Europese land naar het andere hopt om te kijken wie the race to the bottom wint.

Als er al één fabrikant de afgelopen week in de handen wreef, dan was het wel Tesla. Dat mocht zich weer verheugen over bakken gratis airplay voor haar mirakelproducten die alleen voor- en helemaal geen nadelen hebben.

Het lijkt te mooi om waar te zijn en dus is het ook niet waar. Maar het is fijner om het wél te geloven. Auto’s kan je alleen ‘groen’ noemen mits voldoende bewustzijnsvernauwing. Een Tesla is alleen milieuvriendelijk voor wie bereid is zich te concentreren op de afwezigheid van een uitlaat en blind te blijven voor al de rest: de uitstoot bij de elektriciteitsproductie (meestal steenkool, kernenergie of gas), het fijn stof van banden en remmen, het enorme ruimtebeslag en de daarmee samenhangende verdrijvingseffecten voor zachte weggebruikers, de conflictgenererende schaarse grondstoffen nodig voor de batterijen, het sluipmoordenaarskarakter van een snel accelererende auto die je niet of te laat hoort aankomen, het perverse reboundeffect en de daaruit voortvloeiende verlenging van de files. Dat Tesla met haar Model X uitgerekend nu toetreedt tot de sufSuv-club, maakt het plaatje er alleen maar triester op, al kan je het ook lezen als een arrogante opgestoken middelvinger.

Dat kortzichtige politici en door de autojournalisten gebrainwashte burgers daarin meegaan, kan ik begrijpen. Maar niet dat ook de milieubeweging Tesla World als een na te streven ideaal blijft zien.

Wie op iets langere termijn durft te denken, weet dat het vandaag niet gaat over de toekomst van Volkswagen of van de dieselmotor, maar over de volhoudbaarheid van het autoregime als het dominante mobiliteitssysteem. Want wat er onder onze ogen gebeurt heet niet Volkswagen- of Dieselgate, maar Cargate.

Naschrift januari 2016: De 130 miljoen euro blijkt intussen te zijn opgelopen tot ‘ruim 140 miljoen euro’.

Intussen in de gewone wereld

IMG_2210

Terwijl onze politici zich er het hoofd over breken hoe ze de historische onrechtvaardigheid van de Belgische naamgeving kunnen corrigeren (bijvoorbeeld door vrouwen het recht te geven hun kind te bedenken met de naam die ze zelf van hun vader kregen), woedt buiten het seksisme gewoon verder. Er is geen haan die er naar kraait – wat bij nader inzien misschien ook wel weer normaal is.

Maar toch. Wat vertelt zo’n billboardreclame voor de VW Golf eigenlijk? Als je het mij vraagt: ze verraadt hoe Volkswagen denkt over de rolmodellen in moderne relaties.

In de wereld van Volkswagen verdient de man de kost en kan hij dus ook helemaal alleen beslissen over grote uitgaven. Bijvoorbeeld de aankoop van een auto. Het is de man die de broek aan heeft en beslist met welke wagen de vrouw zal rijden.

Al een geluk dat de smaak van de man feilloos is. Zijn keuze is een schot in de roos. De vrouw, zonder broek, toont zich blij. En dankbaar. Vooral dankbaar.

De man laat zich de kus en de omhelzing welgevallen. Uit heel zijn lichaamshouding spreekt: ik sta hiervoor open, want de dankbaarheid is terecht. En ook wel: ach, ik weet het, ik bén nu eenmaal fantastisch. Volkswagen: mannen weten waarom.

Volkswagen lijkt er op te rekenen dat vrouwen niet kunnen lezen. Als wijze raad wordt er open en bloot meegegeven: “Doe alsof je het zelf geregeld hebt.” Dat wicht gelooft immers ook alles.

Eerlijk, toen ik deze affiche de eerste keer zag op een kruispunt dat ik wel eens passeer, stond ik aan de grond genageld. Ik liet enkele groenfases passeren (een luxe die alleen voor zachte weggebruikers is weggelegd) en wreef mijn ogen nog eens uit. Zag ik wel wat ik zag?

En jawel, mijn geduld werd beloond. Uiteindelijk ging de vrouw uit pure dankbaarheid paaldansen. Als een echte Volksvrouw.

Dom van mij dat ik vergat af te drukken. Maar laat de aanwezigheid van de paal gelden als bewijs dat ik hier niet uit mijn nek zit te kletsen.

Da’s Autodenken

IMG_1024

 

In deze tijden wordt graag beweerd dat bizarre gebeurtenissen altijd het gevolg zijn van politiek handelen. Of toch minstens van de overheid. De theorie dat ambtenaren hele dagen bijeen hokken om complotten te smeden tegen de rest van de bevolking lijkt snel terrein te winnen. In zo’n atmosfeer kan het dan al eens gebeuren dat een pleidooi voor meer verkeersveiligheid ontaardt in een gesneer naar witte kassa’s en andere inbreuken op onze vrijheid en privacy.

Daarom hier wat tegengewicht: de bedrijfssector, de privé zeg maar, kan er ook wat van.  Neem nu deze advertentie van Volkswagen. Bij het eerste aanschouwen bekroop mij al het buikgevoel dat hier iets grondig mee mis was. Maar wat precies?

Nadere analyse reveleerde wel wat.

Om te beginnen vloekte het als “cool” bedoelde bericht met mijn empathisch vermogen. “Deze kinderen gaan slecht terecht komen,” zei dat vermogen. En ik ben nog altijd zoveel mens dat ik mij daar dan niet vrolijker van ga voelen. Volkswagen wel, blijkbaar. Volkswagen lijkt te denken dat kinderen ook airbags hebben – een denkfout die autoconstructeurs wel vaker maken.

Dat ik die foto niet zo letterlijk mag nemen, zegt U? Dat is toch wel de bedoeling. Lees de tekst: “Perfect om er met z’n allen op uit te vliegen.” En de kinderen vliegen wel degelijk. Eventjes toch.

In de hoop fotoshop-sporen te ontdekken (die onomstotelijk zouden aantonen dat ik mij verder geen zorgen meer moet maken over die bloedjes van kinderen), bekeek ik de foto nog wat beter. Toen zag ik het plots: het schooltje op de achtergrond.

“Vlieg er eens uit,” moest hier dus begrepen worden als woon-schoolverkeer. De ochtendrit naar school als gezinsuitstap verkopen, daar moet je inderdaad een autofabrikant voor zijn.

Toen drong zich een nieuwe vraag op: waar is de papa, de mama, de chauffeur, wie het ook mag wezen? Niet in de auto alleszins. Zou de kapitein zo moedig zijn geweest eerst te springen? En stond die nu de foto te maken van z’n neersmakkende kleuter? (even gloorde er toch weer wat hoop: zou het kunnen dat die rugboekentas een megaparachute verbergt die op het aller-allerlaatste nippertje grootmoedig opengaat?)

Maar zelfs als dat laatste waar zou zijn, dan nog kon ik niet helemaal gerustgesteld zijn. De school bevindt zich immers aan de overkant: moesten die kinderen, luttele seconden eerder nog gereduceerd tot op de achterbank gestouwde bagage, die barrière nu helemaal alleen klaren?

Mijn angst bleek voorbarig. Verdere analyse van het beeld leerde mij dat de straat leeg was. Er is niemand buiten. Geen ouder te zien, geen kind te zien, geen leerkracht, geen gemachtigd opzichter, geen kat. Niemand.

Opeens wist ik het (ik kon mij wel voor het hoofd slaan, dat het zo lang had moeten duren): dit gezin stond gewoon in de file en de school is al een kwartier geleden begonnen met de de kinderen die te voet en met de fiets kwamen. Of hoe z’n tijd vooruit zijn soms letterlijk waar kan worden.

In stilte dankte ik Volkswagen voor dit bemoedigende inzicht.

De winst, de winst dat hemelse kind

In het recentste nummer van ‘Test Aankoop’ staat een opmerkelijk artikel onder de titel ‘Onveilige wagens’. Het vertelt dat in Latijns-Amerika verkochte Europese wagens daar veel slechter scoren op de veiligheidstests dan hier. Dat komt niet doordat de tests ginds strenger zijn, maar doordat de constructeurs er geen moeite mee hebben in economisch zwakkere landen hun wagens te slijten met minder veiligheidsuitrusting (geen airbags bijvoorbeeld) of van een mindere kwaliteit (zwakke plekken in de structuur). Fiat, Chevrolet, Volkswagen en Peugeot blijken tot het clubje te behoren voor wie de winst voor gaat op de veiligheid van hun klanten. 

Op de website van EuroNCAP vind ik vreemd genoeg niets terug over deze uiteenlopende resultaten. Maar wel volgend cryptisch zinnetje: ” This fact, on top of the marked difference in safety equipment of cars sold outside Europe, makes that Euro NCAP does not allow manufactures to insinuate a Euro NCAP star rating on the basis of other NCAP results.” Dit zinnetje was niet nodig geweest als het niet gebeurde. Eigenlijk staat hier dus: sommige constructeurs wekken op basis van testresultaten uit minder strenge NCAP tests elders in de wereld de indruk dat ze hoge EuroNCAP-scores hebben behaald. Het is jammer dat een organisatie als de EuroNCAP die beweert de belangen van de consumenten te behartigen hier geen man en paard noemt. 

En het is nog niet gedaan. Uit onderzoek blijkt dat de ‘ideale ongevallen’ van de ‘labotests’ in de realiteit slechts zelden voorkomen. Daardoor is het verband tussen ‘goed scoren op crashtests’ en de overlevingskansen in de praktijk veel zwakker dan men zou verwachten. (bron: The Handbook of Road Safety Measures, Rune Elvik e.a.)

In feite worden we dus allemaal belazerd, want de constructeurs doen zowel de Europeanen als de Zuidamerikanen geloven dat de auto’s waarin ze rijden veilig zijn.  

Merkwaardig toch dat ik hierover nog geen woord heb gelezen in de autorubriek van mijn krant. Of juist niet?