RSS feed

Tagarchief: framing

Moeilijke mensen

Misschien herinnert u het zich nog vaag. Vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen schreef ik een blogstukje getiteld ‘Waarover het morgen (bijvoorbeeld) gaat‘. Daarin hekelde ik het feit dat in mijn gemeente schijnbaar geen enkele kandidaat of partij klare wijn schonk over de vraag of er een ziekenhuis(parking) in de Netevallei zou moeten / mogen komen of niet. In de programma’s was het van ‘optimalisatie’ hier en ‘leefbaarheid’ daar. Heel verrassend, maar voor 10 oktober was er niemand die opkwam voor “minder natuur en meer beton”.

En toch is het dat wat we schijnbaar gaan krijgen.

Met het optrekken van het stof van de verkiezingen worden de contouren van de problemen opnieuw scherper. Gaan we nog eens bouwen in een waterziek gebied of hebben we iets geleerd uit het verleden en geven we de Nete de vallei waar ze recht op heeft?

Op het eerste participatiemoment was het antwoord van de aanwezigen, inclusief de eigenaars in het gebied, welhaast unaniem: dit gebied moet maximaal open blijven.

Beetje jammer dus dat er van dat eerste participatiemoment niet echt een verslag werd gemaakt. “Maar alles wat toen gezegd werd, hebben we meegenomen,” werd ons verzekerd op het tweede participatiemoment.

Oef!

Dat tweede moment kwam overigens niets te vroeg. Al op 19 december heeft er een zogenaamde plenaire vergadering plaats waarop het ontwerp van provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan (‘PRUP’) zal worden besproken.

Een wat sceptische burger zou de vraag kunnen opwerpen of zo’n participatieproces dan wel zinvol is, wetende dat zo’n ontwerp-PRUP niet in een paar dagen kan worden geschreven en getekend.

Een geïnformeerde burger zou het antwoord kennen: het ontwerp-PRUP was enkele dagen eerder al voor advies aan de verschillende adviesorganen bezorgd.

Maar hé, onwetendheid is een schone deugd. En dus werden de aanwezigen nog eens gerustgesteld: het kan nog alle kanten uit!

Daarna kreeg het ziekenhuis een ‘free podium’ voor dat waarover tijdens het vorige participatiemoment angstvallig werd gezwegen: het ziekenhuis is wel degelijk op zoek naar een nieuwe locatie en heeft daarvoor z’n oog laten vallen op de Netevallei.

De motivering luidde als volgt: 1) door een gebrek aan goede planning is het huidige ziekenhuis een typisch Vlaamse koterij geworden waar niemand nog kop of staart aan krijgt, 2) gezien het ziekenhuis operationeel moet blijven is de enig mogelijke remedie het bouwen van een nieuw (dubbel zo groot) ziekenhuis elders, 3) omwille van de nabijheid van het station (de mobiliteit, weet u wel) is de Netevallei de ideale locatie om te verdichten, met onder meer een parking voor 750 wagens, 4) met het oog op de belangrijke verbindingen voor de natuur wordt er “een ecologische corridor” voorzien.

Om het bovenstaande te kunnen decoderen, moet je al een beetje ‘mee’ zijn in het wereldje van de planners Voor wie niet tot dat gild behoort, doe ik het dus even: 1) het ziekenhuis is door een gebrek aan vooruitziendheid in de problemen gekomen en wil nu halsoverkop een oplossing voor die problemen (“ja, er zijn mogelijke alternatieve locaties, maar die gaan we vandaag niet onderzoeken”), 2) beetje vreemd dat een rationeler ontwerp uitmondt in een verdubbeling van de benodigde ruimte, 3) ‘verdichten’ moet hier begrepen worden als ‘inbreiden’ naar buiten, onder gewone mensen ook wel bekend als ‘uitbreiden’, 4) een ‘ecologische corridor’ is eigenlijk niets anders dan een ‘(door)gang’ voor de dieren en 5) (bonus): de duurzame bereikbaarheid van een plek als argument gebruiken om er een parking te kunnen inplanten is, euh, nogal absurd. Het eindresultaat zal dus een vlot met het openbaar vervoer bereikbare parking zijn.

Tijd om hierbij stil te staan, was er niet. Want nu was het hoog tijd voor, tadààà, participatie! We werden genood aan tafels met een mooie groen-blauwe kaart en kregen de opdracht om de piepschuimen staafjes en vlakjes er in te puzzelen.

Inspraak2

Ook hier burgerlijke ongehoorzaamheid: het ziekenhuis ingeplant buiten het projectgebied – Credits foto: Mattias Deboutte

Die staafjes en vlakjes stelden de verschillende ruimteclaims voor: woon- en ziekenhuisblokken, parkeerterreinen, voetbalvelden en volkstuintjes. Voor de ruimteclaims ‘natuur/open ruimte’ en ‘waterberging’ waren er geen puzzelstukjes.

Ik geef ruiterlijk toe: ik kon maar bij één groepje tegelijk zijn. Maar nadien hoorde ik van anderen dat het er in de andere groepjes ongeveer hetzelfde aan toe ging:

– “Wij willen niet dat er in het gebied gebouwd wordt.”

– “De opdracht is: de blokjes in het gebied plaatsen.”

– “Maar…”

– “De opdracht is: de blokjes in het gebied plaatsen.”

– “Ja, maar…”

– “Nee, de opdracht is: … “

Om een lang verhaal kort te maken: de immer constructieve burgers puzzelden morrend de blokjes op de kaart van het gebied. In de Netevallei verrezen woonblokken, een ziekenhuis met 750 parkeerplaatsen, een paar voetbalvelden en een handvol volkstuintjes. Ijverige medewerkers van de provincie maakten foto’s van deze creatieve resultaten van het inspraakproces. Het bewijs dat de burgers ook wel de wenselijkheid van een ziekenhuis in een riviervallei begrijpen! In kleur! Altijd mooi om toe te voegen aan het dossier voor de plenaire vergadering volgende week.

Aan onze tafel was het verzet wat hardnekkiger. We plaatsten de blokjes buiten het gebied, overkapten de spoorweg en de ringweg met volkstuintjes en verknipten wat piepschuimen staafjes tot blokjes om onze bewegingsvrijheid wat op te rekken.

Jawel, er zaten moeilijke mensen in ons groepje.

Advertenties

Er is wél keuze

Laat mij duidelijk zijn. Ook ik erger mij regelmatig aan de vakbonden. Als ze elk debat over hervormingen weigeren nog voor het begonnen is, bijvoorbeeld. Of als ze systematisch “neen” zeggen zonder alternatieven op tafel te leggen. Of wanneer ze steigeren wanneer de bedrijfswagens in het vizier dreigen te komen. Ook ik houd niet van het PVDA-simplisme dat “de arbeider” idealiseert en de bemiddelde criminaliseert. En ja, ik heb mijn wenkbrauwen gefronst toen ik een groen parlementslid hoorde klagen dat de digitale televisie duurder zal worden. Alsof digitale televisie een mensenrecht is.

Maar dezer dagen erger ik mij vooral aan het korte geheugen van vele media en de mensen die ze aan het woord laten. 500 dagen lang bestond er in ons land maar één probleem: het communautaire. Wie suggereerde dat er nog andere kwesties waren, werd weggezet als een slechte Vlaming. De klimaatverandering, verkeersonveiligheid en immobiliteit, afhankelijkheid van gevaarlijke kernenergie en olie afkomstig van misdadige regimes, toenemende armoede, hoge zelfmoordcijfers, wachtlijsten voor zorgbehoevenden, een 19e eeuwse justitie en de instroom van vluchtelingen: details.

Toen knipte een ratingbureau met de vingers en moest alles wijken voor de eurocrisis. Niet alleen de Walen leefden boven hun stand, zo bleek: wij allemaal!

Dan word ik achterdochtig. Als “ze” beginnen te zeggen dat “we” een probleem hebben, dan bedoelen ze meestal “jullie”. En dan moeten “wij” oppassen.

En ja hoor, dan volgt een diarree van lezersbrieven en commentaarstukken van het Front van Verantwoordelijke Weldenkenden.

Van thuiswonende jongeren die de profiterende ouderen de les lezen en de eigen generatie een maturiteit toedichten die we helaas niet kunnen aflezen uit de maandagkranten.

Van een liberale hoofdredacteur die zich afvraagt of die stakers van de openbare dienst dan echt niet moeten vrezen om ontslagen te worden (godgeklaagd, die werknemersrechten!).

Van jonge, kinderloze middenstanders die blakend van ambitie en gezondheid hun arbeidsethos laten contrasteren met dat van de profiteurs van het spoor.

En last but not least de economisten, de astrologen van deze tijd, die ons vertellen dat er “geen keuze” is.

Als er werkelijk geen keuze is, waarom organiseren wij dan überhaupt verkiezingen? Ooit vond een journalist het woord ‘steekvlampolitiek’ uit. Maar er bestaat ook ‘steekvlamjournalistiek’: berichtgeving die geen verbanden legt.

Er moet bespaard worden. Maar een tax op business seats in de luchtvaart, een vermogensbelasting, een opheffing van het bankgeheim, een beperking van de bonussen? “Onrealistisch.” Een debat over de lonen van CEO’s? In de kiem gesmoord. “Die CEO’s verdienen veel minder dan elders in Europa.” Een handicap als je de beste mensen wil aantrekken! Wat voor gewone werknemers als een concurrentieel voordeel zou worden beschouwd, is eensklaps een nadeel. Niemand die ervan opkijkt. We zijn geschokt als er weer eens een jong mens uit het leven stapt. “Hij leek perfect gelukkig.” Niet meekunnen in de ratrace, het staat niet goed. De volgende dag keert het refrein terug: er moet meer en langer gewerkt worden. Dat moet iedereen begrijpen. Zegt de socialistische partijvoorzitter van wie een voorganger enkele weken geleden op pensioen ging. Op 57 jaar.

“We” leven boven onze stand. Dus ook de 1,7 miljoen kansarmen van dit land? En ook de 88.000 miljonairsgezinnen? De vraag stellen is ze beantwoorden.

Maar ter linkerzijde is het thema van de herverdeling er de jongste decennia nauwelijks één geweest. De focus lag op het vergroten van de taart. Zo lang die groter werd, moest er over herverdeling niet gepraat worden. Comfortabel voor iedereen. Geen wonder dus dat VOKA zo hamert op “groei”. En logisch dat de vakbonden zich jarenlang in dat scenario inschreven.

Tegen de achtergrond van een exploderende wereldbevolking, peak oil, een kantelend klimaat, nieuwe economieën met enorme behoeften, getuigt het evenwel van gezond verstand om te erkennen dat ‘schaarste’ een gegeven is. En dat herverdeling een must is.

Herverdeling van zowel de materiële als van de immateriële rijkdom. Behalve van geld en goederen dus ook van tijd, gezondheid, milieu, mobiliteit, enzovoort. Die overstijgt de artificiële opdeling tussen Wallonië en Vlaanderen en raakt de essentiële, globale opdeling: die tussen rijk en arm.

Als we ons dan concentreren op de herverdeling van de taart, dan komt er allicht ook meer aandacht voor de kwaliteit van de taart. Wat heb je aan een grote taart als ze oneetbaar is? Dan zien we misschien ook het verband tussen de rellen in Londen en sociale ongelijkheid. Tussen I-phones en mensonterende arbeidsomstandigheden. Tussen werkdruk, stress en zelfdoding en vervroegd pensioen. Tussen het belang van vakbonden en levenskwaliteit.

En dan, dan zullen we ontdekken dat er wél iets te kiezen is.

PS. Geschreven op een vakantiedag waarvoor ik eerder werkte

Framing

Vanochtend in De Standaard een mooi voorbeeldje van ‘framing’ of hoe bepalend een voorstelling van zaken kan zijn voor iemands oordeel. In ons land is, zeker ten noorden van de taalgrens (zij het ook steeds vaker ten zuiden), één van de meest verbreide vormen van sjablonering de Vlaams-Waalse tegenstelling. De nu eindelijk gevoerde discussie over de feitelijke subsidiëring van bedrijfswagens (één van de goede kanten van de crisis) ontsnapt er blijkbaar niet aan. “Taks op bedrijfswagens treft vooral Vlamingen” kopt de kwaliteitskrant op pagina 37 en we lezen dat er in Vlaanderen 505.000 bedrijfswagens rondrijden en in Wallonië slechts 110.000.

Nogal logisch dus dat als dit belastingsvoordeel vooral in Vlaanderen ‘benut’ wordt het vooral de Vlamingen zijn die ‘getroffen’ worden wanneer het afgeschaft wordt. Een alternatieve titel voor het artikel, die minder voedingsbodem zou geven aan de Vlaams-nationalistische hang naar slachtofferschap en structureel tekortgedaan-zijn, had dus kunnen zijn: “Vlamingen profiteren bijna vijf keer meer van fiscale gunstbehandeling bedrijfswagens’. En zelfs deze titel had misschien meer recht gedaan aan de genuanceerdheid van de werkelijkheid: “Negatieve effecten op milieu en files van bedrijfswagens in Vlaanderen veel hoger dan in Wallonië”.

Al blijft de vraag natuurlijk waarom de tweedeling Vlaanderen/Wallonië hier relevanter zou zijn dan die tussen pakwek ambtenaren enerzijds en zelfstandigen en werknemers van privébedrijven anderzijds, tussen vrouwen en mannen, tussen jongeren en ouderen, tussen ‘armen’ en ‘niet-armen’.

“Zes doden en drie zwaargewonden”

Deze titel zal morgen in geen enkele krant te vinden zijn. Zelfs als de ‘tol’ nog oploopt (over 6 gewonden is er geen informatie, wellicht omdat ze in het ‘buitenlandse’ Moeskroen vielen; het weekend is nog niet gedaan) en de titel nog spectaculairder kan klinken, zullen we hem niet te zien krijgen. De reden? De resultaten van verkeersongevallen worden ons (on)geval per (on)geval toegediend, zodat de ravage die ieder weekend opnieuw wordt aangericht zeker niet tot ons doordringt. Framing noemden wij dat al eerder en Siegfried Bracke doet dat sinds kort ook. Al windt die zich vooral op over het overmatige gebruik van het woord ‘Belgisch’ op de VRT. Er moeten nu eenmaal prioriteiten worden gesteld.

Op basis van de informatie die ik kon bijeensprokkelen op de websites van verschillende kranten ziet de weekendbalans (van vrijdagmiddag tot zondagavond) er als volgt uit: 

6 doden en 3 zwaargewonden

Dit kunnen we ‘framen’ als volgt:

van de 6 doden zijn er 3 mensen jonger dan 25 jaar

van de 2 zwaargewonden zijn er twee jonger dan 23 jaar (van de andere hebben we geen leeftijd)

twee oudere slachtoffers werden doodgereden door een 20 jarige chauffeur

Wat we zouden kunnen vertalen in een krantentitel als volgt:

‘Weer veel jongeren slachtoffer én dader bij dodelijke weekendongevallen’ 

Maar niet getreurd: het komt allemaal in orde door de jongeren nog jonger aan hun rijlessen te laten beginnen!