RSS feed

Vanuit de hoogte


Onder de titel ‘Levensecht’ loopt er dezer dagen een intrigerende architectuurtentoonstelling in de Singel. De expositie wil volgens de organisatoren, “het vermogen van moderne architectuur illustreren om verandering te omhelzen zonder daarbij haar oorspronkelijke kwaliteiten te verliezen”.

Curator Tom Van Avermaete, hoogleraar aan de TU Delft, koos als case onder meer twee steden uit die vanuit het niets werden vormgegeven, het Indiase Chandigargh en het Braziliaanse Brasilia, en modernistische stadsuitbreidingen in Casablanca.

Hij vertrok vanuit de interessante onderzoeksvraag of deze projecten hun beloftes konden waarmaken.

Eerlijk gezegd verwachtte ik een kritische doorlichting van wat onder meer Le Corbusier en Oscar Niemeyer ter plaatse aanrichtten. Ik dacht dat het intussen zelfs in kringen van hedendaagse stedenbouwkundigen en architectuurtheoretici een breed gedeeld inzicht was dat de ideeën van de CIAM-beweging over functiescheiding en de daarbij horende auto-infrastructuren de tand des tijds niet hebben doorstaan. Maar dat viel dus tegen.

Niet dat er helemaal geen kritische kanttekeningen waren, maar dat de curator het in het introductiefilmpje over “voorbeeldige” steden heeft, bleek geen lapsus.

Modernisme 3

Eerst de ‘cité verticale’ in Casablanca. Behalve maquettes, plans en foto’s krijgen we een film te zien die volledig opgenomen is vanuit een rijdende auto. Weliswaar niet vanuit een voorruitperspectief, wel vanuit een zijruitperspectief. Blijkt dat wat als horizontale stad werd gedacht intussen ‘verticaal’ is geworden. De oorspronkelijke bebouwing werd door de bewoners vooral verdicht door als patio bedoelde ruimten dicht te bouwen en verdiepingen toe te voegen, onder meer als compensatie voor de functiewijziging van het gelijkvloers: van ‘wonen’ naar winkels en werkplaatsen. Exit het fundamentele principe van de functiescheiding dus, maar Tom Van Avermaete en collega’s zien er vooral het bewijs in van een geweldig aanpassingsvermogen van het ontwerp. Het adaptieve vermogen van de theorie blijkt nog groter dan dat van haar voorwerp. Die vat het samen als “de generositeit van het generische.”

Idem dito wat Chandigarh betreft. Gebouwd als een raster, dus als een stad zonder centrum, blijft er van het oorspronkelijke ontwerp nog bitter weinig over. Ramen werden dichtgebouwd, muren werden van ramen voorzien, balkons en erkers werden toegevoegd. Het enige wat nog herkenbaar is, dankzij ‘esthetische controles’ (sic) is het betonnen raamwerk. Ook Chandigarh blijkt voor de tentoonstellingbouwers met glans geslaagd. Het is “een architecturaal canvas waarop het bruisende leven van alledag zich afspeelt”. Zelf zou ik eerder denken dat dit leven bruisend is ondanks en niet dankzij de oorspronkelijke plannen. Niet elke mens kan kiezen op welk canvas hij zijn leven schildert. Maar ik gun de modernisten graag het voordeel van de twijfel.

Brasilia

Brasilia dan, ooit het paradepaard van deze visionairen, gebouwd in het midden van nergens, in de Braziliaanse brousse. Het stadsplan heeft de vorm van een adelaar met uitgestrekte vleugels (volgens de enen) of van een vliegtuig (volgens de anderen). Dat oogt natuurlijk geweldig, op papier. Als bewoner met twee voeten op de grond heb je aan zo’n gimmick niks natuurlijk. Behalve dan het nadeel dat alles ver van elkaar ligt.

Ten tijde van het ontwerp leek dat geen probleem: in de moderne wereld zouden moderne mensen zich op een moderne manier verplaatsen. En dus werd de stad er geen van moderne mensen, maar van moderne auto’s. De expositiebouwers zijn zo eerlijk criticus Robert Hughes een plaatsje te geven met een naargeestige filmische impressie van een lege stad begin jaren ’80: “a platonic nowhere infested with Volkswagens”.

Maar Avermaete en de zijnen blijven er niet bij stilstaan. In weerwil van de getuigenissen van iedereen die er was, blinkt Brasilia volgens hen uit in levendigheid. Hun ultieme ‘bewijs’ zegt meer dan ze zelf bevroeden: “Op zondag, als er weinig verkeer is, trekken ze (de bewoners; kp) naar de representatieve publieke noord-zuid-as om er te fietsen, te schaatsen (rolschaatsen; kp) of te skaten.” Ergo: verkeer is autoverkeer, fietsen is iets wat je doet op zondag, op een plek die toevallig ‘vrij’ is. Als de auto’s weg zijn, komen de mensen uit hun schuilplaatsen tevoorschijn.

Modernisme 2 (2)

Net toen ik me afvroeg hoe iemand die het meest elementaire falen van de modernistische stedenbouw niet erkent en begrijpt toch hoogleraar kan zijn, viel mijn oog op een stelling in een hoek van de expositieruimte. Ik wreef mijn ogen uit. Wat ik zag was inderdaad een platform van waarop de bezoekers letterlijk kunnen neerkijken op de “monumentale maquettes” en de fout van de modernistische helikoptervisie onbewust kunnen herhalen.

In een flits begreep ik: daarom, natuurlijk, heet een hoog-leraar een hoog-leraar.

Jammer dat in het bijzonder in de architectuur en de stedenbouw vanuit de hoogte kijken geen garantie is om op de hoogte te zijn.
———————————————–
‘Levensecht, de performantie van de moderne stad’ in De Singel, Antwerpen, nog tot 10 januari
open: wo – zo / 14  – 18 uur en bij voorstellingen
gesloten: ma, di en feestdagen

Over deanderekrispeeters

Mobiliteitsexpert en blikopener bij Bandenloze Vennootschap DAKP. Levert onafhankelijk mobiliteitsadvies, second opinions en creatieve ondersteuning aan bewonersgroepen, oudercomités, bedrijven en overheden. Voor vrijblijvende info: deanderekris@gmail.com Geeft lezingen over mobiliteit voor wie er klaar voor is. Zie: www.koortzz.be Auteur van 'Het Voorruitperspectief' (2000), 'De File Voorbij' (2010) en 'Weg van mobiliteit' (2014). Schrijft daarnaast onder meer columns, opiniebijdragen, sporadische bijdragen her en der en - surprise! - blogberichten. Geeft les aan de PXL Hasselt, afdeling Verkeerskunde

Volgende »

  1. “Le Corbusier designed Chandigarh for people: there are cycle tracks for the poor and playgrounds for the children.”: http://www.theguardian.com/artanddesign/2008/jan/28/architecture.india

    Like

    Beantwoorden
  2. Wij waren vorige week toevallig ook even binnengeweest na een muziekvoorstelling. En waren het ook niet eens met de (te) rooskleurige interpretatie : de winkels op het gelijkvloers deden denken aan de Carnotstraat en Turnhoutsebaan in Antwerpen/Borgerhout, maar voor de curator was dat blijkbaar een positieve evolutie. Het valt te betwijfelen of de bewoners daar hetzelfde van denken…

    Like

    Beantwoorden
  3. “The Cities will be part of the country; I shall live 30 miles from my office in one direction, under a pine tree; my secretary will live 30 miles away from it too, in the other direction, under another pine tree.
    We shall both have our own car.
    We shall use up tires, wear out road surfaces and gears, consume oil and gasoline…”

    Le Corbusier, the Radiant City (1935: La Ville radieuse)
    Zegt genoeg hé. En al dat blinde optimisme, daar mogen we dagelijks nog van genieten. Ook tussen niet-modernistische architectuur.

    Like

    Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: