RSS Feed

Maandelijks archief: februari 2012

Mobiliteitsdagboek 27 februari

Opnieuw school. Dus is het weer drummen op het fietspad. De jongens en meisjes die voor me fietsen hebben alle tijd van de wereld. Ik niet. Zoals gewoonlijk ben ik maar net op tijd vertrokken en moet mijn trein halen. Maar het lukt.

In Berchem blijken de remmen van mijn ‘stationsfiets’ het niet goed meer te doen. Dus rijd ik nog ‘anticiperender’ dan anders. Toch moet ik één keer mijn toevlucht nemen tot de Flintstone-rem: met de voeten op de grond proberen tot stilstand te komen.

In de late namiddag moet ik met een collega in het Antwerpse stadhuis zijn. Het is enkele minuten voor vier, dus volle ‘schoolspits’. In de Kammenstraat staan de auto’s aan te schuiven. We wurmen ons erlangs om sneller vooruit te komen, wat betekent dat we af en toe eventjes op de stoep rijden. Sommige automobilisten manoeuvreren zich zo ver naar de rechterkant dat er geen ruimte meer overblijft. Maar wachten in de uitlaatgassen vinden we geen optie.

We rijden over de half opgebroken en half heraangelegde Oude Koornmarkt. De vorige aanleg dateert van nauwelijks vijftien jaar geleden. Langs de ene kant zonde van het geld. Langs de andere kant geeft het aan hoe de geesten in die relatief korte periode gerijpt zijn. Dat dit voetgangersgebied wordt (woonerf), vindt iedereen nu normaal. Of bijna iedereen – ik hoop dat de commentaren van sommige N-VA-ers niet representatief zijn voor wat die partij van plan is.

Het is al zeven uur wanneer ik terug in Herentals ben. Snel eten en dan weer de fiets op. Naar de Karmel, het voormalige Karmelietessenklooster op onze Grote Markt. Het is recent verbouwd tot een hotel met conferentie-accommodatie. Vandaag ontvangt de plaatselijke CD&V er professor en senator Rik Torfs. Ik ben fan van hem. Vooral voor de virtuoze manier waarop hij soms niets zegt. Al moet in één adem worden toegegeven: de man zegt hoe langer hoe meer. De lezing vindt plaats in de verbouwde kapel. Over enkele weken is het mijn beurt om hier te spreken, zodat ik ook een beetje op verkenningstocht ben: hoe is de zaalopstelling en voor welke soort leeuwen worden de sprekers hier gegooid?

Torfs maakt zijn punt (eigenlijk vijf punten) in een dik half uur. Daarna mag de zaal vragen stellen. Eén van de vragen: bent u als professor wel geschikt voor de politiek? “Neen,” antwoordt Torfs en voegt er na een korte stilte aan toe: “Maar de anderen zijn nog ongeschikter.” Nadien wordt er nog wat nagepraat, aan receptietafeltjes tussen pot en pint. We zijn al flink op dreef wanneer Peter Bellens binnen komt. Peter is een oude jeugdvriend van mij en hij is enkele maanden geleden député geworden. “Straks samen naar huis?” vraag ik hem, want eigenlijk zijn we buren. “Kan ik dan met jou meerijden?” zegt hij, “mijn chauffeur staat buiten nog te wachten.”  Met de belofte solidair te zijn en met hem mee te wandelen (de fiets aan de hand) overtuig ik hem de chauffeur te laten gaan.

Die afspraak loopt enkele uren later toch nog bijna mis, want door een misverstand is de ongeduldige député alvast op weg gegaan. Halfweg haal ik hem in en samen genieten we van de frisse neus die het waaigat van het Albertkanaal ons gratis aanbiedt.

Verplaatsingen

fiets-trein-fiets (woon-werk) Herentals-Antwerpen (H/T)

fiets (werk) stadhuis-station

fiets thuis-Grote Markt (recreatief)

te voet Grote Markt-thuis (recreatief)

Mobiliteitsdagboek 26 februari

Het leven kan hard zijn. Zondagochtend, 8 uur: we staan op de parking van VC Herentals, klaar om in konvooi op verplaatsing te gaan. Dit keer met mijn oudste zoon. En dit keer tegen Wavria dat minder exotisch blijkt dan het lijkt. Die ploeg huist in O-L Vrouw-Waver en dat is wel eventjes rijden. Een collega-vader stelt voor dat ik bij hem instap. Het omgekeerde had ik eerlijk gezegd niet durven voorstellen. Daarvoor steekt mijn oude Berlingo net iets te schril af tegen zijn bijna nieuwe Renault Espace. De man is een voorzichtige chauffeur en hoewel we de laatste in het rijtje zijn verloopt de rit ontspannend. Dat is wel eens anders. Soms is het krampachtig bij elkaar blijven om de weg niet kwijt te geraken. Dan worden er wel eens risico’s genomen om het ‘treintje’ niet te onderbreken. Maar vandaag houden de eersten rekening met de laatsten, al wordt het niet altijd zo nauw genomen met de snelheidslimieten.

Onderweg komen we de eerste vlucht wielertoeristen van het seizoen tegen, netjes achter elkaar aan alsof ze alle clichés willen weerleggen.

We worden getrakteerd op een spannende match. Halfweg staat het 1-0, maar we keren zegevierend huiswaarts met een 1-4 op het bord. Ik ben geen voetballiefhebber, maar het helpt veel als je de vader van een speler bent.

Als we om half twaalf vertrekken, blijkt de parking van Wavria te klein: her en der staan auto’s in de berm en op de plantsoenen geparkeerd. Zelfs de spelers van de thuisploeg komen zelden of nooit met de fiets. Dat lijkt een vrij universeel verschijnsel te zijn, we zien het bij alle voetbalploegen.

In de late namiddag besluiten we nog even op de fiets te springen om een tentoonstelling te bezoeken in het Herentalse kasteel Le Paige. Het zonnetje priemt voor het eerst vandaag door het wolkendek en dus beslissen we de wat langere route langs het Kempisch kanaal te nemen: eventjes een vakantiegevoel.
Via de jachthaven gaat het langs één van “mijn” fietspaden (met veel te felle verlichting, maar daar hebben we nu geen last van) terug naar de Ring en daar de ventweg op. We maken een ommetje langs een nieuw woningbouwproject dat zichzelf aan de man bracht onder de naam ‘Kruyneycken’ maar al in de werffase de meeste exemplaren liet sneuvelen. De nieuwe woonenclave, op papier nog een oase van groen en rust, valt me in het echt tegen. Koning Auto is nadrukkelijk aanwezig: langs de straat, in de voortuintjes. Met een clusterparking aan de rand had dit een heel ander plaatje kunnen zijn.

Wat verder stappen we af aan de brug over de Kleine Nete om de nieuwe onderdoorgang voor wandelaars eens uit te proberen. Vanuit kikkerperspectief blijkt mijn stalen ros best indrukwekkend:

Zo heel indrukwekkend nu ook weer niet. Of toch niet genoeg om enige indruk te maken op automobilisten. We zitten nog maar net op de fiets wanneer een auto ons verrast aan hoge snelheid. Op de ventweg geldt een maximum van 50km/u, maar deze rijdt veel sneller. Nauwelijks bekomen van de verrassing volgt een tweede, zo mogelijk nog sneller. Mijn frank valt. Het zijn brandweerlui die zich naar de kazerne spoeden. Luttele ogenblikken later rijdt de eerste interventiewagen voorbij – ironisch genoeg aan een veel lagere snelheid. Het is één van de achillespezen van een vrijwilligerskorps: mensen die voor de goede zaak grotere risico’s nemen dan goed voor hen is. En voor anderen, hoe goed bedoeld ook. De wetgever laat er trouwens geen twijfel over bestaan dat de verkeersregels ook voor hulpverleners geldt wanneer die zich in hun privé-voertuig verplaatsen.

De schilder die ten toon stelt is Tjen Meylemans. Allicht hoor ik mij een beetje Joke Schauvlieghe te voelen, want deze stadsgenoot schijnt naam te hebben gemaakt en toch hoor ik voor het eerst van hem. Ten onrechte, want de man heeft echte pareltjes op zijn actief.

Mooie en iets minder mooie man


Terug thuis blijkt dat we twee uur onderweg zijn geweest, nauwelijks zeven kilometer hebben afgelegd en toch er helemaal ‘uit’ zijn geweest. De fiets: een vervoermiddel van a naar aha.  

Mobiliteitsdagboek 25 februari

Voetbal!

Februari was inderdaad niet helemaal representatief voor mijn verplaatsingsgedrag, realiseer ik me nu. Door het winterweer was er geen voetbal en dus ook geen papa die zijn voetbalzonen naar de uit-matchen moest voeren. Dat feest (voor papa dan toch) is nu over. Vandaag is er een derby: VC Herentals tegen SK Herentals, voor de laatste keer wellicht want er zit een fusie aan te komen. Hoewel SK amper drie kilometer verwijderd is, doen we de verplaatsing met de auto. Er volgt namelijk nog een verjaardagsfeestje en dat heeft plaats in Lichtaart, vlakbij Bobbejaanland.

Na de match (0-4 gewonnen) wordt de grootste groep ingescheept in een Opel Zafira, de rest vertrekt verspreid. Wij volgen als laatste, met twee voetballers aan boord. We rijden langs de Lichtaartseweg, waar de vrijwilligers van Natuurpunt alweer druk in de weer zijn met de paddenoverzet. Er zijn al bijna 1000 amfibieën gered, lees ik op een bord.

Ik zet mijn zoon af aan de ‘Lasershooting’, het milieuvriendelijke maar nog niet helemaal vredevolle alternatief voor ‘paintball’ en rijd via Olen naar het tankstation, want ik ben er nog niet eerder toe gekomen om gas te tanken. Deze keer lukt het. Meer nog: het tankdopje dat ik intussen miste blijkt plichtsgetrouw door de uitbater in bewaring te zijn genomen.

Geen facebookduim

Er is net tijd genoeg om thuis wat te eten en een klein beetje te lezen. Dan is het alweer tijd om zoonlief op te pikken. Ik haal het net – in alle betekenissen van het woord, want op de brug over de Nete moet ik in de remmen voor een gek die aan het inhalen is. Bij het passeren steekt hij grijnzend z’n duim op. Hoe moet ik die interpreteren?

Eeuwig groen

We keren terug via St.-Jozef Olen en komen Herentals binnen via de St.-Jobsstraat. Daar heb ik als schepen ooit nog zelf een fietspad aangelegd. Omdat een verbreding van de doorgang onder de spoorweg te duur uitviel, beslisten we destijds om voor het autoverkeer te werken met verkeerslichten. Bijkomend voordeel: snelheidsremming en verkeersverluwing. Omdat er, althans zonder onteigeningen, links van het fietspad geen ruimte was om de verkeerslichten te plaatsen en omdat de fietsers er dus ook wettelijk door gebonden zijn, waren we verplicht om de installatie uit te breiden met een aparte set voor de fietsers. Die set staat altijd op groen: ‘eeuwig groen’. We waren onze tijd destijds dus al flink vooruit, al neem ik het mezelf nog kwalijk dat ik toen niet de reflex heb gehad voor de fietsers kleinere lichten te laten aanbrengen.

Studenten op het kruispunt

Wanneer ik op de Herentalse Ring sta te wachten voor het rood, tikt een jonge deerne in fluogeel op mijn raampje. “Dit is geen car jacking,” zegt ze. Het is niet duidelijk of ze het meent dan wel een grapje maakt. Of ik als steun voor hun school een stripboek wil kopen? Nee dus, want ik vind het onverantwoord dat studenten (m/v) hele middagen tussen het autoverkeer over en weer moeten rennen om de roodtijd financieel te laten renderen, weze het dan nog in zo’n onoverwinnelijk makend fluohesje. Vroeg of laat wordt er zo’n beloftevolle, enthousiaste jongere doodgereden en dan zullen we het debat wel krijgen.  Maar tot zo lang ziet niemand er schijnbaar graten in. Als ik me niet vergis wordt voor deze verkoopacties zelfs officieel toestemming verleend.

Spookrijder (bis)

Vrouwlief is vandaag opnieuw met de trein richting Limburg getrokken. Deze keer verliep alles volgens het boekje. Of toch ongeveer: een treinreiziger stelt al gauw z’n normen bij. Wanneer ze ‘s avonds thuiskomt en onze dochter haar plannen om naar een fuif te gaan opbergt, blijkt er opeens een opportuniteit voor een cinemabezoek te zijn. Na raadpleging van enkele websites valt de keuze op Turnhout, waar kinderen en ouders elk hun meug vinden.

Voor de tweede keer vandaag gaat het met de auto over de Lichtaartseweg. En voor de tweede keer vandaag word ik geconfronteerd met een ‘spookrijder’: deze keer in de bocht van de weg die ik vorige week nog ‘veilig’ verklaarde omwille van de camera’s…

Pomp

Gelukkig zijn we goed op tijd vertrokken, want we zijn niet alleen bij Utopolis. Er is geen parkeerplaats meer in openlucht en ondergronds zijn we met onze LPG-kar niet welkom. Dus zet ik het gezin af en rijd opnieuw buiten om enkele honderden meter verderop te parkeren. Terwijl ik terugwandel zie ik hoe de bioscoop auto’s de stad inpompt. Er is een aan-en afgerij van jewelste en snel optrekken en weer afremmen is vaste prik. Bepaald niet prettig voor de omwonenden, lijkt me. Dit complex had bij het station moeten liggen, niet vlakbij de Turnhoutse Ring.

Rond elf uur rijden we terug. Nog voorzichtiger dan anders, want ik ken de statistieken over weekendongevallen.

Verplaatsingen

Herentals-Herentals-Lichtaart H/T auto (recreatief) met 3, respectievelijk 2 mensen aan boord

Herentals-Turnhout H/T (recreatief), met 5 mensen aan boord

Mobiliteitsdagboek 24 februari

‘s Morgens is er vrijwel niemand op de weg. Alleen ik en een fietskameraad, ook onderweg naar het station. “Weten die anderen iets wat wij niet weten?” vraagt hij zich af. Ik opper de mogelijkheid van een kernongeluk,maar twee seconden later blijkt de kans op een verkeersongeluk toch nog altijd groter. Een kleine Opel komt ons voorbijgeraasd en draait aan de rechte hoek van het Stationsplein de stationsparking op, in zijn haast er blind op vertrouwend dat er geen tegenligger aan komt. Roulette met de auto, het is weer eens wat anders.

Ook in Antwerpen is het stil. Bedrieglijk stil, want het schaarse verkeer dat er toch is rijdt te snel. En zelfs al is er weinig verkeer, het is geen garantie dat er geen opstoppingen ontstaan. In een zijstraat van de Mechelsesteenweg zorgt een tankwagen die huisbrandolie komt leveren ervoor dat de hele straat vol auto’s staat. Mijn eerste reactie is dat dit soort leveringen wel anders moet kunnen geregeld worden (met een aanvraag tot parkeerverbod, zoals bij verhuizingen, bijvoorbeeld). Maar dan bedenk ik dat het eigenlijk geen ramp is. Fietsers kunnen door, automobilisten kunnen een blokje rondrijden en op de keper beschouwd is het een goede filter om sluipverkeer uit de wijk te houden.

‘s Avonds fiets ik zoals altijd terug door de Justitiestraat. Daar worden fietspaden aangelegd en dat betekent dat er voorlopig maar in één richting mag gereden worden. Voor auto’s is dat logisch, maar niet voor fietsverkeer. Toch ironisch dat werken die bedoeld zijn voor meer fietscomfort ten koste gaan van datzelfde fietscomfort. Maar veel fietsers lappen het verbod vrolijk aan hun laars: de omweg is gewoon te groot en objectief gezien is er geen enkele reden om niet in tegenrichting te fietsen.

Wanneer ik de Belgiëlei oversteek word ik ei-zo-na geschept door een Lancia die uit de Isabellalei komt gedraaid. Onbegrijpelijk dat hij me niet zag aankomen. Of niet helemaal, want ik zie dat hij aandachtig op zijn gsm kijkt. Hij heeft niet eens gezien dat hij bijna een ongeval had. Tijd om te bekomen is er  nauwelijks, want in de Boomgaardstraat is het alweer alleen aan mijn alertheid te danken dat ik niet onder een auto kom: een Fiat Punto neemt aan hoge snelheid zijn voorrang aan rechts. Hij komt niet alleen bijna met mij in botsing, maar ook met een bestelwagen die van de andere kant komt.

Een kritische lezer (en ik heb er geen andere) zou kunnen opmerken dat ik wel heel veel bijna-ongevallen meemaak. En gelijk heeft hij. Wie erop begint te letten, is verbaasd over de frequentie ervan. En toegegeven: misschien zijn ze niet allemaal even ‘bijna’, als de fietser niet ik was geweest maar een kind of een oudere, met iets minder goede reflexen, dan waren sommige van die bijna-ongevallen gegarandeerd ongevallen geweest. Dat is trouwens de definitie van een ongeval: een bijna-bijna-ongeval. Als u begrijpt wat ik bedoel. En zoniet: fiets dan eens.

Te vroeg of te laat?

Kennelijk is deze brandstoffenverdeler er niet gerust op dat onze kinderen later de weg naar de benzinepomp nog wel zullen vinden. Maar de vraag zou tegen dan wel eens minder het probleem kunnen zijn dan het aanbod.

Als peak oil niet al achter ons ligt, dan is het voor zeer binnenkort. De vraag of deze brandstoffenverdeler er niet te vroeg bij is, is dan de verkeerde. Want allicht is hij al te laat.

Mobiliteitsdagboek 23 februari

Vooral ‘s ochtends ben ik er nogal op gesteld gerust gelaten te worden in de trein. Dus nestel ik me bij voorkeur bij mensen die aan het lezen zijn: de grootste garantie op stilte en rust – al kan er altijd een gsm spelbreker komen spelen. Maar af en toe loop ik iemand tegen het lijf die ik lang niet gezien had en dan wil ik wel eens een uitzondering maken. Even bijpraten, nieuwtjes uitwisselen – het openbaar vervoer is ook een generator van sociale relaties. Vandaag maak ik van die generator gebruik.

Verder weinig rimpelingen in mijn mobiliteitspatroon: fiets-trein-fiets. Eigenlijk ben ik veel voorspelbaarder en regelmatiger dan ik zelf gedacht had. Als je mijn bewegingen van de laatste 25 dagen op een kaartje uittekent, kom je tot een schema met veel dikke lijnen en maar enkele dunne. De dikke zijn voor de trein (gepland, regelmatig), de dunne voor de auto. De fiets zit daar ergens tussen.

Maar hoe voorspelbaar ook, wanneer ik over een week stop met dit mobiliteitsdagboek dan zal ik op een aantal punten toch wat wijzer zijn geworden. Een aantal dingen neem ik mee in mijn nieuwe boek.

Mijn ervaringen in de Jodenbuurt bijvoorbeeld. Niet het feit dat veel mensen daar kriskras oversteken, met de fiets in tegenrichting rijden op een éénrichtingsfietspad, zwalpend de hele breedte van de weg claimen of het rode licht negeren is storend. Wel dat het onmogelijk is om met die mensen oogcontact te maken. Daardoor vervalt één van de grootste voordelen die zachte weggebruikers onder elkaar normaal gesproken hebben: het woordeloos en “in een ogenblik” kunnen onderhandelen over wie al dan niet remt, rechts rijdt of naar waar uitwijkt. Door het vermijden van dit oogcontact is er geen communicatie. En dus grijp je spontaan naar  ’onvriendelijke’ vervangers als een fietsbel of luidkeels roepen – al helpen die hier ook niet.

Maar goed. Vandaag is er zo weinig verkeer, dat ik zelfs op de lila olievlekken op het wegdek kan letten. Ik begin ze te tellen, maar houd er al vlug mee op. Sommige straten zijn eigenlijk olievelden. Dat biedt perspectief voor peak oil.

‘s Middags fiets ik over en weer naar de Fnac om mezelf er de nieuwste CD van Leonard Cohen cadeau te doen. Nu ja, de nieuwste: ‘Old ideas’ is de titel.

‘s Avonds zoals steeds terug met de trein. Tot mijn groot verdriet is dat nog altijd een diesel. In deze tijden waarin elektrische mobiliteit zo wordt gehypet is het toch godgeklaagd dat de NMBS de al jaren beloofde elektrificatie van lijn 15 (Herentals-Mol) alweer heeft geschrapt. Zou daarin investeren niet meer verantwoord zijn dan elektrische auto’s subsidiëren met gratis laadbeurten en gratis langparkeren in het midden van de stad? Vreemd genoeg valt niemand over dat Mattheüseffect: het zijn waarlijk niet de armsten die zich een elektrische auto kunnen veroorloven.

Verplaatsingen

Herentals-Antwerpen (H/T) fiets-trein-fiets (woon-werk)

Antwerpen-Antwerpen fiets (winkel)

Mobiliteitsdagboek 22 februari

Laconieke mededeling aan de fietsenstalling aan de achterkant van Berchem Station: binnenkort worden de fietsenstallingen verwijderd. O ja? En waar moeten wij dan onze fietsen stallen? Het is nu al zoeken. Ik pleeg enkele telefoontjes en dat zet wat mensen in beweging. In de late namiddag krijg ik toelichting van de fietscoördinator. De fietsenstallingen moeten tijdelijk wijken voor de voorbereidende werken aan de Stanleystraat. Prima, maar komen er dan ergens anders bij? Ja en nee, zo blijkt. Want aan de voorkant van Berchem Station, op het Burgemeester Ryckaertplein, wordt een deel van de huidige fietsenstallingen vervangen door nieuwe met een grotere capaciteit. Alleen: ze gaan dat doen op dezelfde dag. Logischer was geweest om éérst te zorgen voor meer stallingen en dan de oude weg te halen. Maar kennelijk heeft iemand bij de NMBS niet voldoende doorgedacht. Rond 15 maart zal het dus gedurende een dag of twee behelpen worden…

Omdat ik op het kruispunt tussen Harmoniepark en Belgiëlei de laatste tijd al vaker bijna-ongevallen zag, ben ik er speciaal op gaan letten. Er blijkt van alles mis mee. Fietsers worden er wel erg vakkundig op het verkeerde been gezet. Ze krijgen groen, waardoor het lijkt dat ze vrije doorgang hebben. Maar het licht werkt als ‘lokgroen’, want het is bedoeld voor de er achter liggende trambaan en niet voor de niet-verkeerslichtengeregelde bypass voor de auto’s. Wanneer fietsers dus spontaan vertrekken wanneer het licht op groen springt, worden ze gesneden door afslaand autoverkeer. Eigenlijk moet dat autoverkeer wel voorrang geven, maar je weet hoe dat gaat.

Helaas is dat nog niet alles: wie de eerste horde genomen heeft, kan alsnog door de tram geschept worden. Want het blijkt geregeld voor te komen dat de tram zich nog op het kruispunt bevindt wanneer het licht al op groen staat… Eigenlijk vind ik het elke dag een groter wonder dat ik nog leef.

‘s Avonds doe ik nog een korte verplaatsing met de fiets om de vergadering van onze Gecoro bij te wonen. En de navergadering natuurlijk.

Verplaatsingen

Herentals-Antwerpen H/T fiets-trein-fiets (woon-werk)

Herentals-Herentals fiets (is de gecoro werk? of recreatief?)

Mobiliteitsdagboek 21 februari

De survivaltocht naar mijn werk verloopt rustiger dan anders. Het is schoolvakantie en dat merk je aan de verkeersdrukte. Op de fiets dan toch. Op de trein worden de pendelaars onmiddellijk vervangen door dagjesmensen. ‘s Morgens valt dat nog mee (al moet ik genoegen nemen met een zitplaats bij de toegangsdeuren), maar straks komen ze gepakt en gezakt terug en dan willen ze hun vers verworven eigendommen etaleren op alle zitplaatsen rondom hen.

Op enkele jaren tijd een vertrouwd verschijnsel op de trein geworden: de Dahon-vouwfiets. Maar het opbergen van die fietsen op de trein blijft ‘behelpen’. Wanneer ooit nieuwe treinwagons worden aangeschaft zou hierover toch wel iets in het lastenboek mogen staan… 

‘s Middags heb ik een vergadering op het Antwerpse stadhuis en samen met enkele collega’s pedalen we langs het Zuid, door de Kloosterstraat richting Suikerrui en Grote Markt. Ook al kom ik er om te werken, door de vele toeristen onderweg geeft dit tochtje me altijd een licht vakantiegevoel.

Vreemd: ” iedereen” klaagt steen en been over de hoge energieprijzen en toch zie ik “niemand”  die zijn rijgedrag daarop aanpast. Te eenvoudig?

Verplaatsingen

fiets-trein-fiets Herentals-Antwerpen H/T woon-werk

fiets Grote Markt (werk) H/T

Mobiliteitsdagboek 20 februari

Een dag om te schrijven, al is dat relatief tijdens schoolvakanties. M’n oudste zoon wil op bezoek naar z’n vriendinnetje in Wiekevorst en rekent daarvoor op papa. Maar die is minder enthousiast: twee ritten heen en weer, dus vier keer de afstand Herentals-Wiekevorst, dat lijkt hem van het goede te veel. Zeker als de verbinding verzorgd wordt door De Lijn. Maar de drempel blijkt hoog voor onze veertienjarige. Hoe heet de dichtstbijzijnde halte? (dat zoek ik wel even uit op de website, zeg ik overmoedig, en vind het antwoord niet. Uiteindelijk vlooit vrouwlief uit dat ik de straatnaam verkeerd heb gespeld) En als hij weet waar hij moet afstappen, hoe weet hij dan dat hij er is?

We komen tot een compromis (want intussen voel ik mijn vadergeweten opspelen: wordt hij nu geen slachtoffer van mijn principes? maak ik het mezelf nu niet te gemakkelijk?). Ik zal mijn zoon naar het station voeren en op de bus zetten. En straks zal ik hem halen met de auto. Niet elke modal shift is even vanzelfsprekend.

Ik parkeer mijn auto voor het station, op de enige plaats die nog vrij is in het rijtje waarvan de parkeerduur beperkt is tot ’30 minuten’. Maar als ik tien minuten later terugkom, heeft er geen enkele wagen bewogen. Ook hier weer geen handhaving en dat is alle dagen zo. Het gevolg is dat mensen die iemand komen ophalen of afzetten dubbel (moeten) parkeren.

De buschauffeur blijkt een vriendelijke man die belooft op tijd een seintje te geven. En het vriendinnetje heeft intussen sms-gewijs beloofd hem op te wachten. Ik wuif hem uit met de boodschap dat hij vandaag een stuk autonomie verwerft, maar het is duidelijk dat hij daar nog niet helemaal van doordrongen is…

Rond half zes doe ik het andere deel van de deal en ga ik mijn zoon oppikken. Een relatief rustige rit langs Noorderwijk en Morkhoven langs een traject waar er 50 en 70 (en in Noorderwijk Centrum 30) mag gereden worden. Enkele keren word ik ingehaald door wagens die ik even later dan toch weer bijbeen aan een volgend kruispunt. Opvallend hoe die mensen dan vermijden om in hun achteruitkijkspiegel te kijken.

Stom: intussen is duidelijk geworden dat ik straks opnieuw naar Wiekevorst zal moeten rijden. De afgelopen gewaande improvisatiesessies kennen nog een onverwachte afsluiter. En aangezien mijn spitsbroeder alweer verstek moet laten gaan, zit ik om 19u weer alleen in de auto, op weg naar het CC van Heist o/d  Berg, en rond half twaalf all the way back (al geef ik dan een medecursist een lift).

Verplaatsingen

Auto: thuis-station (H/T) om zoon te brengen

Herentals-Wiekevorst (zoon halen) H/T

Herentals -Heist o/d Berg (H/5) recreatief

Mobiliteitsdagboek 19 februari

Een zondag zonder? Niet helemaal. In de namiddag stel ik voor om naar Turnhout te trekken: daar ligt al weken een door ons gewonnen boek te wachten in een café. Mijn echtgenote kijkt me achterdochtig aan: “Jij hebt je dagelijkse verhaaltje nog nodig, is het niet?” Ik verzeker haar dat ik nog massa’s verhaaltjes heb en dat mijn intenties oprecht zijn.

Impulsverplaatsing

Even overwegen we om met de trein te gaan, maar daarvoor blijkt onze verplaatsing te weinig gepland en te impulsief. Als we alles rekenen, treinreis heen en terug, de verplaatsing van en naar het station en de wandeling heen en terug naar het café, dan zijn we veel te laat weer thuis. Voor de trein hadden we een half uur eerder de beslissing moeten nemen.

Het landschap en de bomen

Maar eerst moeten we gaan tanken. Benzine, want LPG tanken op zondag kan niet: zonder toezicht vertrouwen ze het zaakje kennelijk niet. Dan de baan naar Lichtaart op. We prijzen ons gelukkig voor de auto te hebben gekozen, want er steekt een kleine sneeuwstorm op. We rijden langs de Lichtaartseweg, waar ooit mijn (intussen afgelopen) politieke carrière begon met de strijd om een vrijliggend fietspad. Toen we het fietspad eindelijk hadden verworven, bleek dat men het wou aanleggen op de plaats waar prachtige bomen de weg omzoomden. Toenmalig staatssecretaris Jos Dupré verdedigde die keuze met het argument “dat de bomen het zicht op het landschap belemmerden.”  (Ooit evalueerde een nonkel van mij zijn eerste bezoek aan Zwitserland met de woorden: “Ik kon niet veel zien, want de bergen stonden ervoor”. Maar mijn nonkel was toen wel vijf jaar.)  Uiteindelijk haalden we onze slag thuis, maar de laatste jaren merk ik dat de bomen één na één gekapt worden en dat er geen nieuwe worden aangeplant. Nonchalance of bewuste keuze?

Snelheidscontrole

Het traject heeft intussen camerabewaking gekregen en dat is een goede zaak. Ooit was dit een dodenweg (de schuld van de bomen, zeiden sommigen), maar gelukkig is dit nu verleden tijd. Jammer dat over dit soort successen niet meer en niet systematischer wordt gecommuniceerd door de wegbeheerder. Ook tussen Kasterlee en Turnhout en op de Ring van Turnhout zelf zijn er nu camera’s en ook hier is de verluwing voelbaar.

Grote Markt van Turnhout

In Turnhout rijd ik op intuïtie het centrum in, langs het kerkhof en zo naar een zijstraat van de Otterstraat. Daar parkeren we. Het weer is intussen alweer opgeklaard en in een flauw winterzonnetje wandelen we naar de Grote Markt. Sinds het begin van de heraanleg zijn we hier niet meer geweest, dus zijn we wel benieuwd. Hoewel de werken nog niet beëindigd zijn,  mag het resultaat er toch al wel wezen. De parking van eertijds is nu een plein, een living voor de stad. Langs de gevels staan er lange metalen constructies die de busreizigers beschutting moeten geven. Rank en mooi, maar van beschutting is er weinig sprake, vrees ik.

Mooi, maar niet meer dan decoratief.

 Uitnodigende banken die slingerend de grote ruimte tussen kerk en gevels tot een menselijke schaal terugbrengen. (hoor mij, ik lijk wel Koen Van Synghel)  

We maken een ommetje rond de kerk, genieten van de rust in het midden van de stad (ondanks de aanwezigheid van een kleine kermis), lopen langs opvallend veel leegstaande panden en duiken dan het café in. De koffiemachine is net kapot, dus zijn we wel min of meer gedwongen tot alcoholgebruik. Eén biertje, om het boek (de turf van Kris De Smedt over ‘De Nieuwe Snaar’) al eens te kunnen doorbladeren.

Noord-zuid-verbinding

We rijden terug langs dezelfde weg, maar aan de rotonde voor Kasterlee komen we nu oog in oog te staan met het geplande traject voor de Kempische noord-zuidverbinding: een breed spoor van vernieling dwars door het bos dat de troef is van deze gemeente. Confronterend.

Cijfers 

Verplaatsing Herentals-Turnhout (H/T): auto (recreatief) + wandeling in Turnhout

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 42 other followers