Opnieuw school. Dus is het weer drummen op het fietspad. De jongens en meisjes die voor me fietsen hebben alle tijd van de wereld. Ik niet. Zoals gewoonlijk ben ik maar net op tijd vertrokken en moet mijn trein halen. Maar het lukt.
In Berchem blijken de remmen van mijn ‘stationsfiets’ het niet goed meer te doen. Dus rijd ik nog ‘anticiperender’ dan anders. Toch moet ik één keer mijn toevlucht nemen tot de Flintstone-rem: met de voeten op de grond proberen tot stilstand te komen.
In de late namiddag moet ik met een collega in het Antwerpse stadhuis zijn. Het is enkele minuten voor vier, dus volle ‘schoolspits’. In de Kammenstraat staan de auto’s aan te schuiven. We wurmen ons erlangs om sneller vooruit te komen, wat betekent dat we af en toe eventjes op de stoep rijden. Sommige automobilisten manoeuvreren zich zo ver naar de rechterkant dat er geen ruimte meer overblijft. Maar wachten in de uitlaatgassen vinden we geen optie.
We rijden over de half opgebroken en half heraangelegde Oude Koornmarkt. De vorige aanleg dateert van nauwelijks vijftien jaar geleden. Langs de ene kant zonde van het geld. Langs de andere kant geeft het aan hoe de geesten in die relatief korte periode gerijpt zijn. Dat dit voetgangersgebied wordt (woonerf), vindt iedereen nu normaal. Of bijna iedereen – ik hoop dat de commentaren van sommige N-VA-ers niet representatief zijn voor wat die partij van plan is.
Het is al zeven uur wanneer ik terug in Herentals ben. Snel eten en dan weer de fiets op. Naar de Karmel, het voormalige Karmelietessenklooster op onze Grote Markt. Het is recent verbouwd tot een hotel met conferentie-accommodatie. Vandaag ontvangt de plaatselijke CD&V er professor en senator Rik Torfs. Ik ben fan van hem. Vooral voor de virtuoze manier waarop hij soms niets zegt. Al moet in één adem worden toegegeven: de man zegt hoe langer hoe meer. De lezing vindt plaats in de verbouwde kapel. Over enkele weken is het mijn beurt om hier te spreken, zodat ik ook een beetje op verkenningstocht ben: hoe is de zaalopstelling en voor welke soort leeuwen worden de sprekers hier gegooid?
Torfs maakt zijn punt (eigenlijk vijf punten) in een dik half uur. Daarna mag de zaal vragen stellen. Eén van de vragen: bent u als professor wel geschikt voor de politiek? “Neen,” antwoordt Torfs en voegt er na een korte stilte aan toe: “Maar de anderen zijn nog ongeschikter.” Nadien wordt er nog wat nagepraat, aan receptietafeltjes tussen pot en pint. We zijn al flink op dreef wanneer Peter Bellens binnen komt. Peter is een oude jeugdvriend van mij en hij is enkele maanden geleden député geworden. “Straks samen naar huis?” vraag ik hem, want eigenlijk zijn we buren. “Kan ik dan met jou meerijden?” zegt hij, “mijn chauffeur staat buiten nog te wachten.” Met de belofte solidair te zijn en met hem mee te wandelen (de fiets aan de hand) overtuig ik hem de chauffeur te laten gaan.
Die afspraak loopt enkele uren later toch nog bijna mis, want door een misverstand is de ongeduldige député alvast op weg gegaan. Halfweg haal ik hem in en samen genieten we van de frisse neus die het waaigat van het Albertkanaal ons gratis aanbiedt.
Verplaatsingen
fiets-trein-fiets (woon-werk) Herentals-Antwerpen (H/T)
fiets (werk) stadhuis-station
fiets thuis-Grote Markt (recreatief)
te voet Grote Markt-thuis (recreatief)
















